BWBR0029333
Geldig vanaf 2012-03-27
Artikel 4
Interimbesluit forensische zorg
1. Onze Minister voorziet in het doen ten uitvoer leggen van forensische zorg. Voor wat betreft de inkoop van forensische zorg wordt Onze Minister aangemerkt als een Wlz-uitvoerder die zich overeenkomstig <a href="/wet/BWBR0035917/artikel/4.1.1" class="text-primary-600 hover:text-primary-700 underline decoration-primary-300">artikel 4.1.1 van de wet</a>heeft aangemeld voor de uitvoering van de <a href="/wet/BWBR0035917" class="text-primary-600 hover:text-primary-700 underline decoration-primary-300">wet</a>.
2. Onze Minister sluit schriftelijke overeenkomsten met zorgaanbieders die forensische zorg kunnen verlenen, waarop ingevolge artikel 5, eerste lid, aanspraak bestaat. Met een justitiële inrichting voor verpleging van ter beschikking gestelden of een penitentiaire inrichting waar geestelijke gezondheidszorg wordt verleend, die onder beheer staan van Onze Minister, worden geen schriftelijke overeenkomsten gesloten.
3. Onze Minister verricht de administratieve taak van landelijk kantoor voor de betaling van bedragen ten laste van de Justitiebegroting, welke uit hoofde van de wet verschuldigd zijn aan zorgaanbieders voor het verlenen van forensische zorg, die krachtens artikel 5, eerste lid, aan de forensische patiënt is verleend.
4. Onze Minister is belast met het innen van de bijdrage van de forensische patiënt in de kosten van de forensische zorg, met dien verstande dat uitsluitend een bijdrage in de kosten kan worden gevraagd voor verblijf in een instelling. Hij kan een organisatie aanwijzen die namens hem belast wordt met het innen van de bijdrage.
2. Onze Minister sluit schriftelijke overeenkomsten met zorgaanbieders die forensische zorg kunnen verlenen, waarop ingevolge artikel 5, eerste lid, aanspraak bestaat. Met een justitiële inrichting voor verpleging van ter beschikking gestelden of een penitentiaire inrichting waar geestelijke gezondheidszorg wordt verleend, die onder beheer staan van Onze Minister, worden geen schriftelijke overeenkomsten gesloten.
3. Onze Minister verricht de administratieve taak van landelijk kantoor voor de betaling van bedragen ten laste van de Justitiebegroting, welke uit hoofde van de wet verschuldigd zijn aan zorgaanbieders voor het verlenen van forensische zorg, die krachtens artikel 5, eerste lid, aan de forensische patiënt is verleend.
4. Onze Minister is belast met het innen van de bijdrage van de forensische patiënt in de kosten van de forensische zorg, met dien verstande dat uitsluitend een bijdrage in de kosten kan worden gevraagd voor verblijf in een instelling. Hij kan een organisatie aanwijzen die namens hem belast wordt met het innen van de bijdrage.