BWBR0029252
Geldig vanaf 2013-11-05
Artikel 31
Regeling praktijkleren en Groene plus
1. De minister beslist binnen acht weken na afloop van de periode, bedoeld in artikel 29, op de aanvragen op grond van de voorwaarden, bedoeld in artikel 28en artikel 30, tweede lid, en van de kwaliteit van de aanvraag. De minister kan om dwingende redenen afwijken van deze termijn.
2. De minister beslist niet over de aanvraag van een instelling dan nadat hij het meerjarig investeringsprogramma van deze instelling heeft goedgekeurd.
3. Indien een aanvraag voor een activiteit of groep van activiteiten het subsidieplafond, bedoeld in artikel 28, eerste lid, overschrijdt kan de Minister besluiten deze aanvraag niet te honoreren dan wel het subsidiebedrag van de aanvraag te verlagen.
4. Indien voor een activiteit of groep van activiteiten meerdere aanvragen zijn ingediend en het aangevraagd subsidiebedrag van deze aanvragen het subsidieplafond, bedoeld in artikel 28, eerste lid, overschrijdt rangschikt de Minister de aanvragen die naar zijn oordeel voldoen aan de voorwaarden in artikel 28 en artikel 30, waarbij een aanvraag hoger wordt gerangschikt naar mate deze het doel van de betreffende activiteit of groep van activiteiten beter realiseert, meer aansluit op de thema’s uit de landelijke agenda en de kwaliteit van de aanvraag naar het oordeel van de Minister beter is. De Minister wijst op basis van deze rangschikking één of meer aanvragen af, dan wel verlaagt het aangevraagd subsidiebedrag van één of meer aanvragen, zodanig dat de resterende aanvragen binnen het subsidieplafond kunnen worden goedgekeurd.
2. De minister beslist niet over de aanvraag van een instelling dan nadat hij het meerjarig investeringsprogramma van deze instelling heeft goedgekeurd.
3. Indien een aanvraag voor een activiteit of groep van activiteiten het subsidieplafond, bedoeld in artikel 28, eerste lid, overschrijdt kan de Minister besluiten deze aanvraag niet te honoreren dan wel het subsidiebedrag van de aanvraag te verlagen.
4. Indien voor een activiteit of groep van activiteiten meerdere aanvragen zijn ingediend en het aangevraagd subsidiebedrag van deze aanvragen het subsidieplafond, bedoeld in artikel 28, eerste lid, overschrijdt rangschikt de Minister de aanvragen die naar zijn oordeel voldoen aan de voorwaarden in artikel 28 en artikel 30, waarbij een aanvraag hoger wordt gerangschikt naar mate deze het doel van de betreffende activiteit of groep van activiteiten beter realiseert, meer aansluit op de thema’s uit de landelijke agenda en de kwaliteit van de aanvraag naar het oordeel van de Minister beter is. De Minister wijst op basis van deze rangschikking één of meer aanvragen af, dan wel verlaagt het aangevraagd subsidiebedrag van één of meer aanvragen, zodanig dat de resterende aanvragen binnen het subsidieplafond kunnen worden goedgekeurd.