BWBR0028964
Geldig vanaf 2010-10-10
Artikel 9
Onderlinge regeling vereffening boedel Nederlandse Antillen
1. De commissie adviseert de ministers over de verdeling van de aandelen, bedoeld in artikel 4, eerste lid, en over door de hen vast te stellen onderlinge vorderingen als bedoeld in paragraaf 2. Die adviezen hebben mede betrekking op de vaststelling van:
a. de waarde van de onderdelen van de boedel;
b. de feitelijke toedeling van activa en passiva uit die boedel.
2. Het advies ten behoeve van het besluit, bedoeld in artikel 4, wordt zo spoedig mogelijk na het tijdstip van transitie uitgebracht. De overige adviezen, bedoeld in het eerste lid, worden steeds uiterlijk 15 augustus uitgebracht.
3. De commissie kan zich op verzoek dan wel ambtshalve met tussentijdse rapportages, verzoeken en voorstellen rechtstreeks wenden tot de ministers.
a. de waarde van de onderdelen van de boedel;
b. de feitelijke toedeling van activa en passiva uit die boedel.
2. Het advies ten behoeve van het besluit, bedoeld in artikel 4, wordt zo spoedig mogelijk na het tijdstip van transitie uitgebracht. De overige adviezen, bedoeld in het eerste lid, worden steeds uiterlijk 15 augustus uitgebracht.
3. De commissie kan zich op verzoek dan wel ambtshalve met tussentijdse rapportages, verzoeken en voorstellen rechtstreeks wenden tot de ministers.