BWBR0028964
Geldig vanaf 2010-10-10
Artikel 4
Onderlinge regeling vereffening boedel Nederlandse Antillen
1. Binnen drie maanden na ontvangst van het advies, bedoeld in artikel 9, tweede lid, eerste volzin, beslissen de ministers over de definitieve verdeling van de aan de Nederlandse Antillen toebehorende aandelen in de naamloze vennootschappen, genoemd in de bijlage bij het Rijksbesluit rechtsopvolging burgerlijke rechten en verplichtingen Nederlands Antillen, en stellen zij vast in hoeverre er onderlinge vorderingen tussen de landen bestaan, gelet op:
a. de uit het Rijksbesluit rechtsopvolging burgerlijke rechten en verplichtingen Nederlandse Antillen of uit tussen de landen gemaakte boedelscheidingsafspraken voortvloeiende verdeling van activa en passiva, met uitzondering van die activa en passiva waarvan de waarde nog niet kan worden vastgesteld, en
b. de toepassing van de in artikel 3 bedoelde verdeelsleutel of verdeelsleutels.
2. In het akkoord worden de in het eerste lid bedoelde activa en passiva vermeld en de overeengekomen waarde daarvan.
a. de uit het Rijksbesluit rechtsopvolging burgerlijke rechten en verplichtingen Nederlandse Antillen of uit tussen de landen gemaakte boedelscheidingsafspraken voortvloeiende verdeling van activa en passiva, met uitzondering van die activa en passiva waarvan de waarde nog niet kan worden vastgesteld, en
b. de toepassing van de in artikel 3 bedoelde verdeelsleutel of verdeelsleutels.
2. In het akkoord worden de in het eerste lid bedoelde activa en passiva vermeld en de overeengekomen waarde daarvan.