BWBR0028862
Geldig vanaf 2010-10-19
Artikel 10
Regeling eenmalige uitkering planstudies en proefprojecten IKS
1. Een uitkering op grond van artikel 2, eerste lid, bedraagt tenminste € 50.000 en ten hoogste € 150.000 per aanvraag.
2. Een uitkering op grond van artikel 2, tweede lid, bedraagt ten hoogste € 1.000.000 per aanvraag.
3. Zolang een uitkering nog niet is vastgesteld kan de minister de beschikking tot verlening van de uitkering intrekken of ten nadele van de gemeente waaraan de uitkering is verleend wijzigen, indien:
a. de activiteiten waarvoor de uitkering is verleend niet of niet geheel hebben plaatsgevonden;
b. de gemeente waaraan de uitkering is verleend niet heeft voldaan aan de aan de uitkering gebonden verplichtingen, of
c. de verlening van de uitkering onjuist was en de gemeente waaraan de uitkering is verleend dit wist of behoorde te weten.
4. Intrekking of wijziging van een verlening van een uitkering werkt terug tot en met het tijdstip waarop de uitkering is verleend, tenzij bij intrekking of wijziging anders is bepaald.
2. Een uitkering op grond van artikel 2, tweede lid, bedraagt ten hoogste € 1.000.000 per aanvraag.
3. Zolang een uitkering nog niet is vastgesteld kan de minister de beschikking tot verlening van de uitkering intrekken of ten nadele van de gemeente waaraan de uitkering is verleend wijzigen, indien:
a. de activiteiten waarvoor de uitkering is verleend niet of niet geheel hebben plaatsgevonden;
b. de gemeente waaraan de uitkering is verleend niet heeft voldaan aan de aan de uitkering gebonden verplichtingen, of
c. de verlening van de uitkering onjuist was en de gemeente waaraan de uitkering is verleend dit wist of behoorde te weten.
4. Intrekking of wijziging van een verlening van een uitkering werkt terug tot en met het tijdstip waarop de uitkering is verleend, tenzij bij intrekking of wijziging anders is bepaald.