BWBR0028596
Geldig vanaf 10-10-2010
Artikel 37i
Wet beginselen gevangeniswezen BES
1. Indien zich in het gesticht ernstige ongeregeldheden voordoen of zich dreigen voor te doen, neemt de directeur alle maatregelen die redelijkerwijs noodzakelijk zijn voor het herstel of de handhaving van de veiligheid, orde of goede gang van zaken in het gesticht.
2. De directeur is in het geval, bedoeld in het eerste lid, bevoegd de bij of krachtens deze wet toegekende rechten van allen die zich in het gesticht bevinden, op te schorten of te beperken. Hij stelt Onze Minister daarvan onverwijld op de hoogte.
3. De opschorting of beperking, bedoeld in het tweede lid, is gedurende maximaal driemaal vierentwintig uur van kracht. Deze periode kan telkens met eenzelfde maximum duur worden verlengd door Onze Minister.
2. De directeur is in het geval, bedoeld in het eerste lid, bevoegd de bij of krachtens deze wet toegekende rechten van allen die zich in het gesticht bevinden, op te schorten of te beperken. Hij stelt Onze Minister daarvan onverwijld op de hoogte.
3. De opschorting of beperking, bedoeld in het tweede lid, is gedurende maximaal driemaal vierentwintig uur van kracht. Deze periode kan telkens met eenzelfde maximum duur worden verlengd door Onze Minister.
- Citeren als
- Art. 37i
- Geldig vanaf
- Status
- Geldend recht
- Identificatie
- BWBR0028596
- Officiële bron
- wetten.overheid.nl