BWBR0028574
Geldig vanaf 10-10-2010
Artikel 54
Mijnbesluit BES
1. De vergunning tot het doen van mijnbouwkundige opsporingen mag niet anders worden overgedragen dan krachtens verkregen toestemming van Onze Minister.
2. Het schriftelijke verzoek tot overdracht der vergunning tot opsporing moet door de beide bij de overdracht betrokken partijen worden gedaan; het kan bij één verzoekschrift worden gedaan.
3. Het verzoek kan ook worden gedaan door een gemachtigde; de volmacht of volmachten moeten bij het verzoekschrift worden overlegd.
4. Het verzoek om toestemming tot overdracht mag, evenals de beschikking waarbij de toestemming wordt verleend, slechts betrekking hebben op ééne vergunning.
5. Bij het overlijden van een der bij de overdracht betrokken partijen vervalt, indien de toestemming nog niet is verleend, het verzoek daartoe.
6. De overdracht gaat in met den datum van de beschikking, waarbij de toestemming wordt verleend.
2. Het schriftelijke verzoek tot overdracht der vergunning tot opsporing moet door de beide bij de overdracht betrokken partijen worden gedaan; het kan bij één verzoekschrift worden gedaan.
3. Het verzoek kan ook worden gedaan door een gemachtigde; de volmacht of volmachten moeten bij het verzoekschrift worden overlegd.
4. Het verzoek om toestemming tot overdracht mag, evenals de beschikking waarbij de toestemming wordt verleend, slechts betrekking hebben op ééne vergunning.
5. Bij het overlijden van een der bij de overdracht betrokken partijen vervalt, indien de toestemming nog niet is verleend, het verzoek daartoe.
6. De overdracht gaat in met den datum van de beschikking, waarbij de toestemming wordt verleend.
- Wet
- Mijnbesluit BES
- Citeren als
- Art. 54
- Geldig vanaf
- Status
- Geldend recht
- Identificatie
- BWBR0028574
- Officiële bron
- wetten.overheid.nl