BWBR0028548
Geldig vanaf 10-10-2010
Artikel 28
Rijksbesluit rechtspositie Gemeenschappelijk Hof van Justitie
1. Ten minste éénmaal per kalenderjaar wordt een functioneringsgesprek gevoerd met een rechter.
2. Met een rechter, niet tevens zijnde lid van het bestuur van het Hof, wordt het functioneringsgesprek gevoerd door één van de daartoe aangewezen vice-presidenten.
3. De president voert het functioneringsgesprek met de vice-presidenten.
4. Een functioneringsgesprek kan op verzoek van een rechter plaatsvinden.
5. Van het functioneringsgesprek wordt verslag gelegd en de rechter wordt in de gelegenheid gesteld zijn zienswijze omtrent dit verslag kenbaar te maken. Nadat de zienswijze van de rechter aan het verslag is toegevoegd wordt het verslag in zijn personeelsdossier gevoegd en ontvangt de rechter een afschrift van het verslag.
6. Indien de rechter zich niet kan verenigen met de inhoud van het verslag van het functioneringsgesprek, kan hij een beoordelingsgesprek aanvragen.
2. Met een rechter, niet tevens zijnde lid van het bestuur van het Hof, wordt het functioneringsgesprek gevoerd door één van de daartoe aangewezen vice-presidenten.
3. De president voert het functioneringsgesprek met de vice-presidenten.
4. Een functioneringsgesprek kan op verzoek van een rechter plaatsvinden.
5. Van het functioneringsgesprek wordt verslag gelegd en de rechter wordt in de gelegenheid gesteld zijn zienswijze omtrent dit verslag kenbaar te maken. Nadat de zienswijze van de rechter aan het verslag is toegevoegd wordt het verslag in zijn personeelsdossier gevoegd en ontvangt de rechter een afschrift van het verslag.
6. Indien de rechter zich niet kan verenigen met de inhoud van het verslag van het functioneringsgesprek, kan hij een beoordelingsgesprek aanvragen.
- Citeren als
- Art. 28
- Geldig vanaf
- Status
- Geldend recht
- Identificatie
- BWBR0028548
- Officiële bron
- wetten.overheid.nl