BWBR0028518
Geldig vanaf 10-10-2010
Artikel 25
Besluit bijzondere vergunningen verzekeringsbedrijf BES
1. Indien de Bank de bijzondere vergunning intrekt op grond van Artikel 22, onderdeel b, c of d, beperkt zij de uitoefening van de bevoegdheid van de verzekeraar om over zijn waarden te beschikken of verbiedt zij hem om anders dan met haar schriftelijke machtiging over deze waarden te beschikken.
2. De Bank brengt de beperking of het verbod, opgelegd ingevolge het eerste lid, met het besluit tot intrekking van de vergunning ter kennis van de verzekeraar.
3. De verzekeraar dan wel de Bank namens de verzekeraar, kan de ongeldigheid van een rechtshandeling, door de verzekeraar verricht in strijd met de beperking of het verbod, inroepen indien de wederpartij de beperking onderscheidenlijk het verbod kende of daarvan niet onkundig kon zijn.
4. De Bank heft de beperking of het verbod, opgelegd ingevolge het eerste lid, op zodra het besluit tot intrekking van de bijzondere vergunning is vernietigd.
2. De Bank brengt de beperking of het verbod, opgelegd ingevolge het eerste lid, met het besluit tot intrekking van de vergunning ter kennis van de verzekeraar.
3. De verzekeraar dan wel de Bank namens de verzekeraar, kan de ongeldigheid van een rechtshandeling, door de verzekeraar verricht in strijd met de beperking of het verbod, inroepen indien de wederpartij de beperking onderscheidenlijk het verbod kende of daarvan niet onkundig kon zijn.
4. De Bank heft de beperking of het verbod, opgelegd ingevolge het eerste lid, op zodra het besluit tot intrekking van de bijzondere vergunning is vernietigd.
- Citeren als
- Art. 25
- Geldig vanaf
- Status
- Geldend recht
- Identificatie
- BWBR0028518
- Officiële bron
- wetten.overheid.nl