BWBR0028468
Geldig vanaf 10-10-2010
Artikel 51
Dienstplichtwet BES
1. De dienstplichtige, die wegens een omstandigheid als bedoeld in artikel 46, derde lid, onder b, niet heeft kunnen voldoen aan een of meer voor bevordering gestelde eisen en uitsluitend op grond daarvan voor bevordering is voorbijgegaan, wordt bevorderd met ingang van de dag waarop hij aan alle eisen voor bevordering heeft voldaan, ook al mocht op die dag in de nieuwe rang geen vacature bestaan.
2. In een geval als bedoeld in het vorige lid, wordt de dienstplichtige tijdelijk bevorderd tot de naasthogere rang voor de tijd die redelijkerwijs nodig is om aan de in het vorige lid bedoelde eisen voor bevordering alsnog te voldoen.
Het bepaalde in het vierde en vijfde lid van artikel 48 is van overeenkomstige toepassing.
2. In een geval als bedoeld in het vorige lid, wordt de dienstplichtige tijdelijk bevorderd tot de naasthogere rang voor de tijd die redelijkerwijs nodig is om aan de in het vorige lid bedoelde eisen voor bevordering alsnog te voldoen.
Het bepaalde in het vierde en vijfde lid van artikel 48 is van overeenkomstige toepassing.
- Citeren als
- Art. 51
- Geldig vanaf
- Status
- Geldend recht
- Identificatie
- BWBR0028468
- Officiële bron
- wetten.overheid.nl