BWBR0028468
Geldig vanaf 2026-04-14
Artikel 44
Dienstplichtwet BES
... 1 Om voor benoeming tot officier of voor bevordering in aanmerking te kunnen komen moet de dienstplichtige in werkelijke dienst, onverminderd de overige bij dit hoofdstuk gestelde eisen, bij goed gedrag, goede plichtsbetrachting en goede dienstijver, de vereiste bekwaamheid en geschiktheid bezitten, waaronder in beginsel mede wordt verstaan verplaatsbaarheid, voor de rang of de klasse die hij bij benoeming of bevordering zal verkrijgen. 2 Voor benoeming tot officier en voor bevordering, behoudens bevordering in klasse, is bovendien vereist dat de dienstplichtige in werkelijke dienst blijk* heeft gegeven gezag te kunnen uitoefenen of de aanleg daartoe te bezitten. 3 Benoeming tot officier en bevordering, behoudens bevordering in klasse of buitengewone bevordering als bedoeld in artikel 50 , vinden slechts plaats voor zover in de desbetreffende rang een vacature bestaat.