BWBR0027331
Geldig vanaf 2010-03-02
Artikel 18
Regeling bevordering kennisfunctie hogescholen
1. De subsidieontvanger dient binnen zes maanden na afloop van de gesubsidieerde activiteiten, doch uiterlijk 1 juli 2014, een aanvraag tot subsidievaststelling in. Daarbij legt de subsidieontvanger rekening en verantwoording af aan de hand van een financieel verslag. Artikel 4:76 van de Algemene wet bestuursrechtis van overeenkomstige toepassing.
2. Het financieel verslag, bedoeld in het eerste lid, gaat vergezeld van een verklaring van een accountant als bedoeld in artikel 393, eerste lid, van Boek 2 van het Burgerlijk Wetboek, waarin deze verklaart dat de in het verslag opgenomen bedragen juist en volledig zijn.
3. De accountantsverklaring bevat tevens een oordeel over de naleving van de aan de subsidie verbonden verplichtingen door de subsidieontvanger. In dit oordeel wordt ook aangegeven of de financiële steun is verleend op de wijze en onder de voorwaarden als bedoeld in artikel 6, onder b.
2. Het financieel verslag, bedoeld in het eerste lid, gaat vergezeld van een verklaring van een accountant als bedoeld in artikel 393, eerste lid, van Boek 2 van het Burgerlijk Wetboek, waarin deze verklaart dat de in het verslag opgenomen bedragen juist en volledig zijn.
3. De accountantsverklaring bevat tevens een oordeel over de naleving van de aan de subsidie verbonden verplichtingen door de subsidieontvanger. In dit oordeel wordt ook aangegeven of de financiële steun is verleend op de wijze en onder de voorwaarden als bedoeld in artikel 6, onder b.