BWBR0026589
Geldig vanaf 2009-11-06
Artikel 6c
Organisatie-, mandaat- en volmachtbesluit plaatsvervangend secretaris-generaal 2009 SZW
1. De Rijksschoonmaakorganisatie is verantwoordelijk voor:
a. het opbouwen en uitbouwen van de Rijksschoonmaakorganisatie;
b. het rijksbreed verzorgen van de schoonmaakdienstverlening;
c. het voeren van overleg over de uitbouw van de Rijksschoonmaakorganisatie met alle betrokken partijen, waaronder departementen, brancheorganisaties en vakbonden;
d. het bevorderen van de samenhang tussen de Rijksschoonmaakorganisatie en andere rijksbrede programma’s en activiteiten op het terrein van de rijksbrede bedrijfsvoering;
e. de in- en externe communicatie over de Rijksschoonmaakorganisatie.
2. De directeur van de Rijksschoonmaakorganisatie is verantwoordelijk voor het inzake van de Rijksschoonmaakorganisatie optreden als bestuurder in de zin van artikel 1 van de Wet op de ondernemingsraden.
a. het opbouwen en uitbouwen van de Rijksschoonmaakorganisatie;
b. het rijksbreed verzorgen van de schoonmaakdienstverlening;
c. het voeren van overleg over de uitbouw van de Rijksschoonmaakorganisatie met alle betrokken partijen, waaronder departementen, brancheorganisaties en vakbonden;
d. het bevorderen van de samenhang tussen de Rijksschoonmaakorganisatie en andere rijksbrede programma’s en activiteiten op het terrein van de rijksbrede bedrijfsvoering;
e. de in- en externe communicatie over de Rijksschoonmaakorganisatie.
2. De directeur van de Rijksschoonmaakorganisatie is verantwoordelijk voor het inzake van de Rijksschoonmaakorganisatie optreden als bestuurder in de zin van artikel 1 van de Wet op de ondernemingsraden.