BWBR0026545
Geldig vanaf 2009-10-27
Artikel 5
Regeling aanvraag- en veilingprocedure vergunningen 2,6 GHz
1. De aanvrager informeert de minister onmiddellijk, op de wijze, bedoeld in artikel 4, tweede lid, over wijzigingen met betrekking tot de in artikel 3, derde en vierde lid, bedoelde gegevens en bescheiden.
2. Onverminderd het derde lid, wordt de aanvraag na het tijdstip, bedoeld in artikel 4, tweede lid, niet gewijzigd.
3. Indien de aanvrager niet heeft voldaan aan:
a. de in artikel 3, derde tot en met vijfde en zevende lid, of artikel 4, eerste lid, of
b. de in artikel 3, tweede lid,
gestelde eisen, deelt de minister dit de aanvrager mee en stelt de minister de aanvrager in de gelegenheid het verzuim te herstellen.
4. De aanvrager heeft gedurende zeven werkdagen, te rekenen vanaf de dag nadat de mededeling, bedoeld in het derde lid, is verstuurd, de gelegenheid het verzuim te herstellen.
5. De gegevens ten behoeve van het verzuimherstel, bedoeld in het derde lid, worden op de wijze, bedoeld in artikel 4, tweede lid, ingediend.
6. Indien het verzuim, bedoeld in het derde lid, onderdeel a, binnen de termijn, genoemd in het vierde lid, niet is hersteld of de aanvraag na herstel niet voldoet aan de in artikel 3, derde tot en met vijfde en zevende lid, of artikel 4, eerste lid, gestelde eisen, kan de minister besluiten de aanvraag overeenkomstig artikel 4:5 Algemene wet bestuursrechtniet te behandelen.
7. Indien het verzuim, bedoeld in het derde lid, onderdeel b, binnen de termijn, genoemd in het vierde lid, niet is hersteld of de aanvraag na herstel niet voldoet aan de in artikel 3, tweede lid, gestelde eisen, wordt de aanvraag afgewezen voor zover deze betrekking heeft op meer dan 8 activiteitspunten. Voordat de aanvraag wordt afgewezen deelt de minister het voorgenomen besluit mee aan de betrokken aanvrager, en wordt de aanvrager overeenkomstig het derde en vierde lid in de gelegenheid gesteld om aan te geven naar welke vergunningen en welke frequentieruimte zijn voorkeur uitgaat.
2. Onverminderd het derde lid, wordt de aanvraag na het tijdstip, bedoeld in artikel 4, tweede lid, niet gewijzigd.
3. Indien de aanvrager niet heeft voldaan aan:
a. de in artikel 3, derde tot en met vijfde en zevende lid, of artikel 4, eerste lid, of
b. de in artikel 3, tweede lid,
gestelde eisen, deelt de minister dit de aanvrager mee en stelt de minister de aanvrager in de gelegenheid het verzuim te herstellen.
4. De aanvrager heeft gedurende zeven werkdagen, te rekenen vanaf de dag nadat de mededeling, bedoeld in het derde lid, is verstuurd, de gelegenheid het verzuim te herstellen.
5. De gegevens ten behoeve van het verzuimherstel, bedoeld in het derde lid, worden op de wijze, bedoeld in artikel 4, tweede lid, ingediend.
6. Indien het verzuim, bedoeld in het derde lid, onderdeel a, binnen de termijn, genoemd in het vierde lid, niet is hersteld of de aanvraag na herstel niet voldoet aan de in artikel 3, derde tot en met vijfde en zevende lid, of artikel 4, eerste lid, gestelde eisen, kan de minister besluiten de aanvraag overeenkomstig artikel 4:5 Algemene wet bestuursrechtniet te behandelen.
7. Indien het verzuim, bedoeld in het derde lid, onderdeel b, binnen de termijn, genoemd in het vierde lid, niet is hersteld of de aanvraag na herstel niet voldoet aan de in artikel 3, tweede lid, gestelde eisen, wordt de aanvraag afgewezen voor zover deze betrekking heeft op meer dan 8 activiteitspunten. Voordat de aanvraag wordt afgewezen deelt de minister het voorgenomen besluit mee aan de betrokken aanvrager, en wordt de aanvrager overeenkomstig het derde en vierde lid in de gelegenheid gesteld om aan te geven naar welke vergunningen en welke frequentieruimte zijn voorkeur uitgaat.