BWBR0026507
Geldig vanaf 2010-01-01
Artikel 23
Regeling gefluoreerde broeikasgassen brandbeveiligingssystemen
1. De keuringinstantie kan een bedrijfscertificaat tijdelijk of definitief intrekken:
a. indien een bedrijf hierom verzoekt;
b. indien een bedrijf naar het oordeel van de keuringinstantie niet meer voldoet aan een of meer eisen als genoemd in artikel 20, eerste lid, of in strijd handelt met artikel 20, vierde of vijfde lid;
c. indien een bedrijf niet of onvoldoende meewerkt aan een tussentijdse beoordeling of herkeuring door de keuringinstantie of de keuringsinstantie anderszins niet in staat is het bedrijf te beoordelen;
d. het bedrijf surseance van betaling is verleend of in staat van faillissement verkeert.
2. Bij een tijdelijke intrekking stelt de keuringinstantie een bedrijf gedurende een door de keuringinstantie te bepalen periode in de gelegenheid de tekortkoming ongedaan te maken.
3. Indien de tekortkoming door een bedrijf binnen de door de keuringinstantie gestelde termijn naar het oordeel van de keuringinstantie ongedaan is gemaakt, wordt de tijdelijke intrekking van het bedrijfscertificaat opgeheven.
4. De keuringinstantie kan een bedrijfscertificaat in ieder geval definitief intrekken, indien het bedrijfscertificaat tijdelijk is ingetrokken en de tekortkoming binnen de door de keuringinstantie gestelde termijn niet ongedaan is gemaakt.
5. Indien de aanwijzing van de keuringsinstantie ingevolge artikel 30, eerste lid, wordt ingetrokken, vervalt het oorspronkelijke bedrijfscertificaat van rechtswege na vierentwintig maanden te rekenen vanaf de dag van de intrekking van de aanwijzing, of zoveel eerder als dat een nieuw bedrijfscertificaat door een andere keuringsinstantie is verleend.
a. indien een bedrijf hierom verzoekt;
b. indien een bedrijf naar het oordeel van de keuringinstantie niet meer voldoet aan een of meer eisen als genoemd in artikel 20, eerste lid, of in strijd handelt met artikel 20, vierde of vijfde lid;
c. indien een bedrijf niet of onvoldoende meewerkt aan een tussentijdse beoordeling of herkeuring door de keuringinstantie of de keuringsinstantie anderszins niet in staat is het bedrijf te beoordelen;
d. het bedrijf surseance van betaling is verleend of in staat van faillissement verkeert.
2. Bij een tijdelijke intrekking stelt de keuringinstantie een bedrijf gedurende een door de keuringinstantie te bepalen periode in de gelegenheid de tekortkoming ongedaan te maken.
3. Indien de tekortkoming door een bedrijf binnen de door de keuringinstantie gestelde termijn naar het oordeel van de keuringinstantie ongedaan is gemaakt, wordt de tijdelijke intrekking van het bedrijfscertificaat opgeheven.
4. De keuringinstantie kan een bedrijfscertificaat in ieder geval definitief intrekken, indien het bedrijfscertificaat tijdelijk is ingetrokken en de tekortkoming binnen de door de keuringinstantie gestelde termijn niet ongedaan is gemaakt.
5. Indien de aanwijzing van de keuringsinstantie ingevolge artikel 30, eerste lid, wordt ingetrokken, vervalt het oorspronkelijke bedrijfscertificaat van rechtswege na vierentwintig maanden te rekenen vanaf de dag van de intrekking van de aanwijzing, of zoveel eerder als dat een nieuw bedrijfscertificaat door een andere keuringsinstantie is verleend.