BWBR0026340
Geldig vanaf 01-09-2009
Artikel 10
Beleidsregel inning bestuursrechtelijke premie Zorgverzekeringswet 2009
1. Het college vordert een negatief saldo van de eindafrekening bedoeld in artikel 9, tweede lid, niet bij de verzekeringnemer in maar bij de inhoudingsplichtige.
2. Indien het saldo van de eindafrekening positief is, stelt het college dit saldo aan de verzekeringnemer betaalbaar. Het derde tot en met het zesde lid van artikel 6 zijn van overeenkomstige toepassing.
3. Indien het college vaststelt dat de inhoudingsplichtige het saldo van de eindafrekening aan het college moet betalen zal het college tot invordering hiervan overgaan.
4. Het college hanteert een betalingstermijn van zes weken na vaststelling van de eindafrekening.
5. Het college kan, in afwijking van het derde lid, een betaalvoorstel doen.
6. Indien de inhoudingsplichtige niet binnen de termijn bedoeld in het vierde lid het saldo heeft betaald, zal het college de invordering aan een derde overdragen.
7. Alvorens de invordering over te dragen aan een derde zal het college de inhoudingsplichtige één keer aanmanen om binnen twee weken de betaling alsnog te doen, dan wel de termijnbetalingen alsnog te hervatten.
8. Indien na toepassing van vorige leden de inhoudingsplichtige de bestuursrechtelijke premie niet alsnog heeft voldaan, gaat het college over tot invordering bij dwangbevel.
9. Het college zal de kosten van invordering en beslaglegging in verband met de invordering van het saldo op de eindafrekening verhalen op de inhoudingsplichtige.
10. Indien het saldo van de eindafrekening bedoeld in artikel 9, tweede lid, minder dan € 50 bedraagt zal het college niet tot invordering daarvan overgaan.
2. Indien het saldo van de eindafrekening positief is, stelt het college dit saldo aan de verzekeringnemer betaalbaar. Het derde tot en met het zesde lid van artikel 6 zijn van overeenkomstige toepassing.
3. Indien het college vaststelt dat de inhoudingsplichtige het saldo van de eindafrekening aan het college moet betalen zal het college tot invordering hiervan overgaan.
4. Het college hanteert een betalingstermijn van zes weken na vaststelling van de eindafrekening.
5. Het college kan, in afwijking van het derde lid, een betaalvoorstel doen.
6. Indien de inhoudingsplichtige niet binnen de termijn bedoeld in het vierde lid het saldo heeft betaald, zal het college de invordering aan een derde overdragen.
7. Alvorens de invordering over te dragen aan een derde zal het college de inhoudingsplichtige één keer aanmanen om binnen twee weken de betaling alsnog te doen, dan wel de termijnbetalingen alsnog te hervatten.
8. Indien na toepassing van vorige leden de inhoudingsplichtige de bestuursrechtelijke premie niet alsnog heeft voldaan, gaat het college over tot invordering bij dwangbevel.
9. Het college zal de kosten van invordering en beslaglegging in verband met de invordering van het saldo op de eindafrekening verhalen op de inhoudingsplichtige.
10. Indien het saldo van de eindafrekening bedoeld in artikel 9, tweede lid, minder dan € 50 bedraagt zal het college niet tot invordering daarvan overgaan.
- Citeren als
- Art. 10
- Geldig vanaf
- Status
- Geldend recht
- Identificatie
- BWBR0026340
- Officiële bron
- wetten.overheid.nl