BWBR0026157
Geldig vanaf 2009-07-24
Artikel 4
Instellingsbesluit Rathenau Instituut
1. Het instituut heeft een bestuur bestaande uit een voorzitter en ten hoogste acht overige leden.
2. De voorzitter en de overige leden worden op voordracht van het bestuur van het instituut benoemd door de minister, gehoord het algemeen bestuur van de KNAW en de WRR. Bij de benoeming wordt zoveel mogelijk rekening gehouden met een evenwichtige verdeling van de zetels over mannen en vrouwen.
3. De leden worden benoemd op persoonlijke titel en op grond van hun deskundigheid met betrekking tot en affiniteit met de maatschappelijke en ethische aspecten van wetenschap en of technologie, het functioneren van het wetenschapssysteem en met het wetenschap- en technologiebeleid.
4. De benoeming geschiedt voor een termijn van ten hoogste vier jaren. De leden kunnen éénmaal voor een termijn van ten hoogste vier jaren worden herbenoemd.
5. De voorzitter en de overige leden kunnen door de minister, gehoord het bestuur van het instituut, het algemeen bestuur van de KNAW en de WRR, om zwaarwichtige redenen worden geschorst en tussentijds ontslagen.
6. Het bestuur heeft een secretaris. De directeur, bedoeld in artikel 6, derde lid, vervult de functie van secretaris en woont de vergadering van het bestuur bij.
7. Het bestuur kan zijn werkzaamheden regelen in een reglement. Het zendt dit reglement ter kennisneming aan de minister.
8. Het bestuur kan een programmaraad instellen ten behoeve van het instituut, die het bestuur adviseert over het voorgenomen werkprogramma zoals voorgesteld door de directeur.
2. De voorzitter en de overige leden worden op voordracht van het bestuur van het instituut benoemd door de minister, gehoord het algemeen bestuur van de KNAW en de WRR. Bij de benoeming wordt zoveel mogelijk rekening gehouden met een evenwichtige verdeling van de zetels over mannen en vrouwen.
3. De leden worden benoemd op persoonlijke titel en op grond van hun deskundigheid met betrekking tot en affiniteit met de maatschappelijke en ethische aspecten van wetenschap en of technologie, het functioneren van het wetenschapssysteem en met het wetenschap- en technologiebeleid.
4. De benoeming geschiedt voor een termijn van ten hoogste vier jaren. De leden kunnen éénmaal voor een termijn van ten hoogste vier jaren worden herbenoemd.
5. De voorzitter en de overige leden kunnen door de minister, gehoord het bestuur van het instituut, het algemeen bestuur van de KNAW en de WRR, om zwaarwichtige redenen worden geschorst en tussentijds ontslagen.
6. Het bestuur heeft een secretaris. De directeur, bedoeld in artikel 6, derde lid, vervult de functie van secretaris en woont de vergadering van het bestuur bij.
7. Het bestuur kan zijn werkzaamheden regelen in een reglement. Het zendt dit reglement ter kennisneming aan de minister.
8. Het bestuur kan een programmaraad instellen ten behoeve van het instituut, die het bestuur adviseert over het voorgenomen werkprogramma zoals voorgesteld door de directeur.