BWBR0024869
Geldig vanaf 2009-01-01
Artikel 12
Uitvoeringsbesluit onderwijsvoorzieningen
1. Het UWV dient jaarlijks vóór 1 december van het jaar voorafgaand aan het begrotingsjaar waarin de kosten zullen worden gemaakt de aanvraag om een voorschot aan Onze Minister in.
2. De aanvraag om een voorschot heeft betrekking op de kosten, bedoeld in artikel 10, en de ontvangsten op grond van artikel 19a van de weten is ten minste uitgesplitst naar de voorzieningen, bedoeld in artikel 5, eerste lid.
3. Onze Minister stelt de hoogte van het voorschot vast en verstrekt met ingang van het begrotingsjaar waarop het voorschot betrekking heeft maandelijks voor de 11 evan de maand een twaalfde deel van het vastgestelde voorschot.
4. Onze Minister kan, op verzoek van het UWV, de bevoorschotting aanpassen in de loop van een kalenderjaar.
5. Onze Minister stelt binnen acht weken na ontvangst van het gedeelte van het bestuursverslag en de jaarrekening dat betrekking heeft op de uitvoering van dit besluit de eindafrekening vast.
2. De aanvraag om een voorschot heeft betrekking op de kosten, bedoeld in artikel 10, en de ontvangsten op grond van artikel 19a van de weten is ten minste uitgesplitst naar de voorzieningen, bedoeld in artikel 5, eerste lid.
3. Onze Minister stelt de hoogte van het voorschot vast en verstrekt met ingang van het begrotingsjaar waarop het voorschot betrekking heeft maandelijks voor de 11 evan de maand een twaalfde deel van het vastgestelde voorschot.
4. Onze Minister kan, op verzoek van het UWV, de bevoorschotting aanpassen in de loop van een kalenderjaar.
5. Onze Minister stelt binnen acht weken na ontvangst van het gedeelte van het bestuursverslag en de jaarrekening dat betrekking heeft op de uitvoering van dit besluit de eindafrekening vast.