BWBR0009458
Geldig vanaf 2011-02-11
Artikel 19a
Wet overige OCW-subsidies
1. Het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen, bedoeld in <a href="/wet/BWBR0013060/artikel/1" class="text-primary-600 hover:text-primary-700 underline decoration-primary-300">artikel 1 van de Wet structuur uitvoeringsorganisatie werk en inkomen</a>, heeft tot taak te bevorderen dat belemmeringen worden weggenomen die de ingezetene, bedoeld in <a href="/wet/BWBR0008657/artikel/1:2" class="text-primary-600 hover:text-primary-700 underline decoration-primary-300">artikel 1:2 van de Wet arbeidsongeschiktheidsvoorziening jonggehandicapten</a>, vanwege ziekte of gebrek ondervindt bij het volgen van onderwijs, indien het een persoon betreft die:
a. jonger is dan 17 jaar;
b. studerende is als bedoeld in artikel 1:4 van de Wet arbeidsongeschiktheidsvoorziening jonggehandicapten, met dien verstande dat een jonggehandicapte als bedoeld in de Wet arbeidsongeschiktheidsvoorziening jonggehandicapten die een levenlanglerenkrediet ontvangt als bedoeld in de Wet studiefinanciering 2000 voor de toepassing van deze wet eveneens als studerende wordt aangemerkt;
c. jonger is dan 30 jaar en uitsluitend vanwege zijn ziekte of gebrek niet kan worden aangemerkt als studerende bedoeld in artikel 1:4 van de Wet arbeidsongeschiktheidsvoorziening jonggehandicapten.
2. Het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen kan op aanvraag van degene, bedoeld in het eerste lid, toekennen:
a. voorzieningen die hem in staat stellen onderwijs te volgen, en
b. vervoersvoorzieningen die de leefomstandigheden van hem verbeteren en die samenhangen met de voorzieningen, bedoeld in onderdeel a.
3. De <a href="/wet/BWBR0008657/artikel/3:18" class="text-primary-600 hover:text-primary-700 underline decoration-primary-300">artikelen 3:18</a>, <a href="/wet/BWBR0008657/artikel/3:33" class="text-primary-600 hover:text-primary-700 underline decoration-primary-300">3:33</a>, <a href="/wet/BWBR0008657/artikel/3:56" class="text-primary-600 hover:text-primary-700 underline decoration-primary-300">3:56</a>, <a href="/wet/BWBR0008657/artikel/3:57" class="text-primary-600 hover:text-primary-700 underline decoration-primary-300">3:57</a>, <a href="/wet/BWBR0008657/artikel/3:58" class="text-primary-600 hover:text-primary-700 underline decoration-primary-300">3:58</a>, <a href="/wet/BWBR0008657/artikel/3:62" class="text-primary-600 hover:text-primary-700 underline decoration-primary-300">3:62</a>en <a href="/wet/BWBR0008657/artikel/3:74" class="text-primary-600 hover:text-primary-700 underline decoration-primary-300">3:74 van de Wet arbeidsongeschiktheidsvoorziening jonggehandicapten</a>zijn van overeenkomstige toepassing op voorzieningen bedoeld in het tweede lid.
4. Het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen kan geen tegemoetkoming in de kosten van kinderopvang toekennen.
5. Beschikkingen op grond van <a href="/wet/BWBR0019058/artikel/2.17" class="text-primary-600 hover:text-primary-700 underline decoration-primary-300">artikel 2.17 van de Wet Invoering en financiering Wet werk en inkomen naar arbeidsvermogen</a>worden na de inwerkingtreding van deze wet aangemerkt als beschikkingen op grond van deze wet.
6. Bij of krachtens algemene maatregel van bestuur kunnen met betrekking tot dit artikel nadere regels worden gesteld.
a. jonger is dan 17 jaar;
b. studerende is als bedoeld in artikel 1:4 van de Wet arbeidsongeschiktheidsvoorziening jonggehandicapten, met dien verstande dat een jonggehandicapte als bedoeld in de Wet arbeidsongeschiktheidsvoorziening jonggehandicapten die een levenlanglerenkrediet ontvangt als bedoeld in de Wet studiefinanciering 2000 voor de toepassing van deze wet eveneens als studerende wordt aangemerkt;
c. jonger is dan 30 jaar en uitsluitend vanwege zijn ziekte of gebrek niet kan worden aangemerkt als studerende bedoeld in artikel 1:4 van de Wet arbeidsongeschiktheidsvoorziening jonggehandicapten.
2. Het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen kan op aanvraag van degene, bedoeld in het eerste lid, toekennen:
a. voorzieningen die hem in staat stellen onderwijs te volgen, en
b. vervoersvoorzieningen die de leefomstandigheden van hem verbeteren en die samenhangen met de voorzieningen, bedoeld in onderdeel a.
3. De <a href="/wet/BWBR0008657/artikel/3:18" class="text-primary-600 hover:text-primary-700 underline decoration-primary-300">artikelen 3:18</a>, <a href="/wet/BWBR0008657/artikel/3:33" class="text-primary-600 hover:text-primary-700 underline decoration-primary-300">3:33</a>, <a href="/wet/BWBR0008657/artikel/3:56" class="text-primary-600 hover:text-primary-700 underline decoration-primary-300">3:56</a>, <a href="/wet/BWBR0008657/artikel/3:57" class="text-primary-600 hover:text-primary-700 underline decoration-primary-300">3:57</a>, <a href="/wet/BWBR0008657/artikel/3:58" class="text-primary-600 hover:text-primary-700 underline decoration-primary-300">3:58</a>, <a href="/wet/BWBR0008657/artikel/3:62" class="text-primary-600 hover:text-primary-700 underline decoration-primary-300">3:62</a>en <a href="/wet/BWBR0008657/artikel/3:74" class="text-primary-600 hover:text-primary-700 underline decoration-primary-300">3:74 van de Wet arbeidsongeschiktheidsvoorziening jonggehandicapten</a>zijn van overeenkomstige toepassing op voorzieningen bedoeld in het tweede lid.
4. Het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen kan geen tegemoetkoming in de kosten van kinderopvang toekennen.
5. Beschikkingen op grond van <a href="/wet/BWBR0019058/artikel/2.17" class="text-primary-600 hover:text-primary-700 underline decoration-primary-300">artikel 2.17 van de Wet Invoering en financiering Wet werk en inkomen naar arbeidsvermogen</a>worden na de inwerkingtreding van deze wet aangemerkt als beschikkingen op grond van deze wet.
6. Bij of krachtens algemene maatregel van bestuur kunnen met betrekking tot dit artikel nadere regels worden gesteld.