BWBR0024730
Geldig vanaf 2008-11-23
Artikel 9
Regeling aanvraagprocedure en veiling gebruiksrechten frequentieruimte voor digitale omroep alsmede vaststelling van een maximum aan te verwerven digitale omroepfrequentieruimte
1. Indien de Minister voor een vergunning als bedoeld in artikel 2op grond van artikel 6, vierde lid, onderdeel a, vaststelt dat, uitgezonderd de aanvragers waarvan de aanvraag is geweigerd op grond van artikel 6, vijfde lid, slechts één aanvrager voldoet aan de eisen, gesteld in artikel 6, vindt veiling van die vergunning niet plaats en wordt die vergunning aan de betreffende aanvrager verleend.
2. Indien de Minister voor een vergunning als bedoeld in artikel 2op grond van artikel 6, vierde lid, onderdeel a, vaststelt dat, uitgezonderd de aanvragers waarvan de aanvraag is geweigerd op grond van artikel 6, vijfde lid, meerdere aanvragers voldoen aan de eisen, gesteld in artikel 6, wordt die vergunning geveild.
3. Indien een aanvrager op grond van een krachtens artikel 6a, tweede lid, van het Frequentiebesluitgenomen besluit slechts één vergunning mag verwerven, wordt hij voor de toepassing van het eerste en tweede lid uitsluitend aangemerkt als een aanvrager voor die vergunning waarvoor hij een voorkeur heeft aangegeven als bedoeld in bijlage I, onderdeel A.3.
2. Indien de Minister voor een vergunning als bedoeld in artikel 2op grond van artikel 6, vierde lid, onderdeel a, vaststelt dat, uitgezonderd de aanvragers waarvan de aanvraag is geweigerd op grond van artikel 6, vijfde lid, meerdere aanvragers voldoen aan de eisen, gesteld in artikel 6, wordt die vergunning geveild.
3. Indien een aanvrager op grond van een krachtens artikel 6a, tweede lid, van het Frequentiebesluitgenomen besluit slechts één vergunning mag verwerven, wordt hij voor de toepassing van het eerste en tweede lid uitsluitend aangemerkt als een aanvrager voor die vergunning waarvoor hij een voorkeur heeft aangegeven als bedoeld in bijlage I, onderdeel A.3.