BWBR0024394
Geldig vanaf 2009-12-01
Artikel 9
Wet inkomensvoorziening oudere werklozen
1. Onverminderd artikel 19herziet het UWV beschikkingen op grond van deze wet of trekt dergelijke beschikkingen in, indien:
a. als gevolg van het niet of niet volledig nakomen van artikel 12, 13, 14 of 15 en de daarop berustende bepalingen het recht op een uitkering ten onrechte is vastgesteld of de hoogte van de uitkering ten onrechte op een te hoog bedrag is vastgesteld;
b. anderszins de uitkering ten onrechte of tot een te hoog bedrag is vastgesteld;
c. het niet of niet behoorlijk nakomen van de verplichting bedoeld in artikel 12 ertoe leidt dat niet kan worden vastgesteld of nog recht op uitkering bestaat.
2. Indien daarvoor dringende redenen zijn, kan het UWV geheel of gedeeltelijk van herziening of intrekking afzien.
a. als gevolg van het niet of niet volledig nakomen van artikel 12, 13, 14 of 15 en de daarop berustende bepalingen het recht op een uitkering ten onrechte is vastgesteld of de hoogte van de uitkering ten onrechte op een te hoog bedrag is vastgesteld;
b. anderszins de uitkering ten onrechte of tot een te hoog bedrag is vastgesteld;
c. het niet of niet behoorlijk nakomen van de verplichting bedoeld in artikel 12 ertoe leidt dat niet kan worden vastgesteld of nog recht op uitkering bestaat.
2. Indien daarvoor dringende redenen zijn, kan het UWV geheel of gedeeltelijk van herziening of intrekking afzien.