BWBR0024394
Geldig vanaf 2009-12-01
Artikel 36
Wet inkomensvoorziening oudere werklozen
1. Het UWV kan de onverschuldigd betaalde uitkering, bedoeld in artikel 34, eerste lid, invorderen bij dwangbevel.
2. Artikel 24is van overeenkomstige toepassing, met dien verstande dat indien het gemiddelde inkomen van de belanghebbende gedurende drie jaar de beslagvrije voet bedoeld in de <a href="/wet/BWBR0001827/artikel/475c" class="text-primary-600 hover:text-primary-700 underline decoration-primary-300">artikelen 475c tot en met 475e van het Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering</a>niet te boven is gegaan, het UWV de aflossingsbedragen lager vaststelt.
2. Artikel 24is van overeenkomstige toepassing, met dien verstande dat indien het gemiddelde inkomen van de belanghebbende gedurende drie jaar de beslagvrije voet bedoeld in de <a href="/wet/BWBR0001827/artikel/475c" class="text-primary-600 hover:text-primary-700 underline decoration-primary-300">artikelen 475c tot en met 475e van het Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering</a>niet te boven is gegaan, het UWV de aflossingsbedragen lager vaststelt.