BWBR0024246
Geldig vanaf 2008-07-24
Artikel 17
Tijdelijke regeling lerarenbeurs voor scholing
1. De leraar dient een aanvraag voor vaststelling van de subsidie voor zover deze betrekking heeft op de studiekosten, bedoeld in artikel 2, eerste lid, van opleidingen als bedoeld in artikel 10, eerste lid, onderdelen a, b en c, in bij de minister:
a. indien de opleiding minstens een jaar duurt, maar geen twee jaar, binnen vier jaar na verlening van de subsidie voor deze opleiding;
b. indien de opleiding minstens twee jaar duurt, maar geen drie jaar, binnen vijf jaar na verlening van de subsidie voor deze opleiding; en
c. indien de opleiding minstens drie jaar duurt, binnen zes jaar na verlening van de subsidie voor deze opleiding.
2. De leraar dient een aanvraag voor vaststelling van de subsidie van opleidingen als bedoeld in artikel 10, eerst lid, onderdeel d, binnen twee jaar in bij de minister na aanvang van deze opleiding.
3. De aanvraag, bedoeld in het eerste lid, bevat een bewijs waaruit het aantal behaalde studiepunten blijkt.
4. De aanvraag, bedoeld in het tweede lid, bevat een bewijs waaruit de deelname aan de opleiding blijkt.
a. indien de opleiding minstens een jaar duurt, maar geen twee jaar, binnen vier jaar na verlening van de subsidie voor deze opleiding;
b. indien de opleiding minstens twee jaar duurt, maar geen drie jaar, binnen vijf jaar na verlening van de subsidie voor deze opleiding; en
c. indien de opleiding minstens drie jaar duurt, binnen zes jaar na verlening van de subsidie voor deze opleiding.
2. De leraar dient een aanvraag voor vaststelling van de subsidie van opleidingen als bedoeld in artikel 10, eerst lid, onderdeel d, binnen twee jaar in bij de minister na aanvang van deze opleiding.
3. De aanvraag, bedoeld in het eerste lid, bevat een bewijs waaruit het aantal behaalde studiepunten blijkt.
4. De aanvraag, bedoeld in het tweede lid, bevat een bewijs waaruit de deelname aan de opleiding blijkt.