BWBR0024171
Geldig vanaf 2008-07-16
Artikel 3.8
Subsidieregeling emancipatie
1. Een aanvraag voor een subsidie wordt geweigerd indien de Minister van oordeel is dat het verstrekken daarvan, mede gelet op de voor emancipatie van vrouwen en meisjes en homo-emancipatie beschikbare financiële middelen, niet of onvoldoende past binnen zijn beleid, zoals is neergelegd in de nota’s op het terrein van emancipatie van vrouwen en meisjes en homo-emancipatie.
2. Voorts wordt de subsidie, onverminderd artikel 4:35 van de Algemene wet bestuursrecht, geweigerd indien de Minister van oordeel is dat:
a. onvoldoende aannemelijk is gemaakt dat de financiële middelen, met inbegrip van de subsidie, voldoende zijn om de voorgenomen activiteiten uit te voeren;
b. te verwachten is dat de met de subsidie beoogde doeleinden niet zullen worden bereikt;
c. de aanvrager de behoefte aan subsidie niet heeft aangetoond;
d. subsidie voor dit soort activiteiten reeds is verstrekt; of
e. het project reeds is afgerond.
2. Voorts wordt de subsidie, onverminderd artikel 4:35 van de Algemene wet bestuursrecht, geweigerd indien de Minister van oordeel is dat:
a. onvoldoende aannemelijk is gemaakt dat de financiële middelen, met inbegrip van de subsidie, voldoende zijn om de voorgenomen activiteiten uit te voeren;
b. te verwachten is dat de met de subsidie beoogde doeleinden niet zullen worden bereikt;
c. de aanvrager de behoefte aan subsidie niet heeft aangetoond;
d. subsidie voor dit soort activiteiten reeds is verstrekt; of
e. het project reeds is afgerond.