BWBR0023064
Geldig vanaf 2010-12-16
Artikel 3.5
Regeling dierlijke bijproducten 2008
1. De aangifteplichtige deponeert categorie 1-materiaal of categorie 2-materiaal als bedoeld in artikel 3.1op de dag dat het door de ondernemer wordt opgehaald op een zodanige plaats dat het vanaf de verharde openbare weg binnen het vrije bereik ligt van de laadkraan van het vervoermiddel waarmee het materiaal wordt opgehaald, waarbij het uitgangspunt is dat het vervoermiddel niet verder dan één wagenlengte op het erf behoeft te komen.
2. Bij geschillen tussen de aangifteplichtige en de ondernemer over de plaats van deponering zal, met inachtneming van hetgeen in het eerste lid is gesteld, de plaats worden bepaald door de Minister.
3. Het eerste lid is niet van toepassing indien de aangifteplichtige en de ondernemer zijn overeengekomen dat het materiaal op een bepaalde plaats wordt gedeponeerd. Het materiaal wordt in dat geval telkens op die plaats gedeponeerd.
4. De aangifteplichtige draagt er zorg voor dat categorie 1-materiaal en categorie 2-materiaal als bedoeld in artikel 3.1zodanig wordt aangeboden dat:
a. het van elkaar gescheiden is en te onderscheiden is van ander materiaal;
b. het categorie 1-materiaal onderscheidenlijk categorie 2-materiaal door de ondernemer apart kan worden geladen.
5. Materiaal als bedoeld in artikel 3.4, tweede en vierde lid, wordt aangeboden in vaten die passen in de laadinrichting van het vervoermiddel van de ondernemer. De aangifteplichtige draagt er zorg voor dat op de vaten duidelijk is aangegeven welk type materiaal zij bevatten.
2. Bij geschillen tussen de aangifteplichtige en de ondernemer over de plaats van deponering zal, met inachtneming van hetgeen in het eerste lid is gesteld, de plaats worden bepaald door de Minister.
3. Het eerste lid is niet van toepassing indien de aangifteplichtige en de ondernemer zijn overeengekomen dat het materiaal op een bepaalde plaats wordt gedeponeerd. Het materiaal wordt in dat geval telkens op die plaats gedeponeerd.
4. De aangifteplichtige draagt er zorg voor dat categorie 1-materiaal en categorie 2-materiaal als bedoeld in artikel 3.1zodanig wordt aangeboden dat:
a. het van elkaar gescheiden is en te onderscheiden is van ander materiaal;
b. het categorie 1-materiaal onderscheidenlijk categorie 2-materiaal door de ondernemer apart kan worden geladen.
5. Materiaal als bedoeld in artikel 3.4, tweede en vierde lid, wordt aangeboden in vaten die passen in de laadinrichting van het vervoermiddel van de ondernemer. De aangifteplichtige draagt er zorg voor dat op de vaten duidelijk is aangegeven welk type materiaal zij bevatten.