BWBR0022841
Geldig vanaf 2023-04-01
Artikel 6
Regeling palliatieve terminale zorg en geestelijke verzorging thuis
De minister kan jaarlijks op aanvraag een instellingssubsidie verstrekken.
De instellingssubsidie bedraagt per cliënt ten hoogste:
a. voor het verlenen van palliatieve terminale zorg door vrijwilligers in de thuissituatie, dan wel in een bijna-thuis-huis of high care hospice zonder betaalde coördinatie: € 722 en € 2.061 met betaalde coördinatie;
b. aan een bijna-thuis-huis ten behoeve van het verlenen van palliatieve terminale zorg door vrijwilligers in het bijna-thuis-huis: € 5.035;
c. aan een high care hospice ten behoeve van het verlenen van palliatieve terminale zorg door vrijwilligers in de high care hospice: € 3.526;
d. voor het verlenen van palliatieve terminale zorg door vrijwilligers aan personen die verblijven in een instelling die zorg of een andere dienst verleent waarop aanspraak bestaat ingevolge artikel 3.1.1 van de Wet langdurige zorg of ingevolge een zorgverzekering als bedoeld in artikel 1, onderdeel d, van de Zorgverzekeringswet: € 722.
De instellingssubsidie bedraagt per cliënt ten hoogste:
a. voor het verlenen van palliatieve terminale zorg door vrijwilligers in de thuissituatie, dan wel in een bijna-thuis-huis of high care hospice zonder betaalde coördinatie: € 722 en € 2.061 met betaalde coördinatie;
b. aan een bijna-thuis-huis ten behoeve van het verlenen van palliatieve terminale zorg door vrijwilligers in het bijna-thuis-huis: € 5.035;
c. aan een high care hospice ten behoeve van het verlenen van palliatieve terminale zorg door vrijwilligers in de high care hospice: € 3.526;
d. voor het verlenen van palliatieve terminale zorg door vrijwilligers aan personen die verblijven in een instelling die zorg of een andere dienst verleent waarop aanspraak bestaat ingevolge artikel 3.1.1 van de Wet langdurige zorg of ingevolge een zorgverzekering als bedoeld in artikel 1, onderdeel d, van de Zorgverzekeringswet: € 722.