BWBR0022499
Geldig vanaf 2007-09-12
Artikel 9
Subsidieregeling aanpak zwerfafval
1. De aanvragen tot subsidieverlening voor proeftuinprojecten die niet zijn afgewezen op grond van artikel 5of artikel 6, tweede lid, worden gerangschikt aan de hand van de volgende criteria:
a. de mate waarin een project een innovatief karakter heeft;
b. de opschalings- en toepassingsmogelijkheden;
c. de kosten van het project in relatie tot de kwaliteit en het beoogde resultaat;
d. de slaagkans van het project;
e. de mate waarin kennisverspreiding een onderdeel van het project is.
2. Aan de aanvraag tot subsidieverlening wordt per criterium als bedoeld in het eerste lid, een cijfer van één tot en met vier toegekend. Het cijfer toegekend voor de criteria, genoemd in het eerste lid, onderdelen a en b, wordt vermenigvuldigd met drie en het cijfer toegekend voor de criteria, genoemd in het eerste lid, onderdelen c en d, wordt vermenigvuldigd met twee.
3. De aanvragen tot subsidieverlening voor proeftuinprojecten worden op grond van het totale puntenaantal, berekend overeenkomstig het tweede lid, gerangschikt.
4. Het beschikbare subsidieplafond voor proeftuinprojecten, bedoeld in artikel 15, wordt verdeeld overeenkomstig de rangschikking, bedoeld in het derde lid, te beginnen met het project met het hoogste puntenaantal, totdat het subsidieplafond is bereikt.
a. de mate waarin een project een innovatief karakter heeft;
b. de opschalings- en toepassingsmogelijkheden;
c. de kosten van het project in relatie tot de kwaliteit en het beoogde resultaat;
d. de slaagkans van het project;
e. de mate waarin kennisverspreiding een onderdeel van het project is.
2. Aan de aanvraag tot subsidieverlening wordt per criterium als bedoeld in het eerste lid, een cijfer van één tot en met vier toegekend. Het cijfer toegekend voor de criteria, genoemd in het eerste lid, onderdelen a en b, wordt vermenigvuldigd met drie en het cijfer toegekend voor de criteria, genoemd in het eerste lid, onderdelen c en d, wordt vermenigvuldigd met twee.
3. De aanvragen tot subsidieverlening voor proeftuinprojecten worden op grond van het totale puntenaantal, berekend overeenkomstig het tweede lid, gerangschikt.
4. Het beschikbare subsidieplafond voor proeftuinprojecten, bedoeld in artikel 15, wordt verdeeld overeenkomstig de rangschikking, bedoeld in het derde lid, te beginnen met het project met het hoogste puntenaantal, totdat het subsidieplafond is bereikt.