BWBR0022499
Geldig vanaf 2007-09-12
Artikel 10
Subsidieregeling aanpak zwerfafval
1. Als subsidiabele kosten worden in aanmerking genomen:
a. de volgende noodzakelijke, rechtstreeks aan het project toe te rekenen en door de aanvrager tot subsidieverlening gemaakte en betaalde kosten: 1°. totale loonkosten van het bij de uitvoering van het project betrokken personeel, uitgaande van een voor dat personeel representatief uurtarief van ten hoogste € 34,–;
2°. aan derden verschuldigde kosten terzake van door hen verleende diensten en terzake van de verwerving van kennis en intellectuele eigendomsrechten alsmede terzake van de bescherming van die rechten, exclusief winstopslagen bij transacties binnen een groep;
3°. een opslag voor algemene kosten, ter grootte van 40% van de loonkosten, bedoeld in onderdeel a, onder 1°;
1°. totale loonkosten van het bij de uitvoering van het project betrokken personeel, uitgaande van een voor dat personeel representatief uurtarief van ten hoogste € 34,–;
2°. aan derden verschuldigde kosten terzake van door hen verleende diensten en terzake van de verwerving van kennis en intellectuele eigendomsrechten alsmede terzake van de bescherming van die rechten, exclusief winstopslagen bij transacties binnen een groep;
3°. een opslag voor algemene kosten, ter grootte van 40% van de loonkosten, bedoeld in onderdeel a, onder 1°;
b. de kosten van verbruikte materialen en hulpmiddelen op basis van historische aanschafprijzen, exclusief winstopslagen bij transacties binnen een groep;
c. de kosten van afschrijving van investeringsgoederen aangeschaft voor het project en berekend op basis van de aanschafwaarde, exclusief winstopslagen bij transacties binnen een groep, een lineaire afschrijvingsmethode over de projectduur en een levensduur van 5 jaar.
2. De kosten verbonden aan een proeftuinproject worden slechts tot de subsidiabele kosten gerekend, voor zover die kosten rechtstreeks zijn toe te rekenen aan het innovatieve karakter van het project of projectresultaat.
3. Kosten worden in aanmerking genomen met inbegrip van omzetbelasting indien de subsidieaanvrager de omzetbelasting niet kan verrekenen of compenseren.
4. Kosten die zijn gemaakt vóór de indiening van de aanvraag tot subsidieverlening en kosten die voortvloeien uit verplichtingen die zijn aangegaan vóór de indiening van de aanvraag tot subsidieverlening worden niet tot de subsidiabele kosten gerekend. Een uitzondering hierop vormen de kosten voor het actualiseren van een nulmeting zwerfafval of de kosten voor het verzamelen van de met de nulmeting zwerfafval vergelijkbare representatieve gegevens, bedoeld in artikel 4, tweede lid, onderdeel a.
5. Niet subsidiabel zijn de kosten voor de aanschaf of afschrijving van inzamelvoertuigen en veegmateriaal voor het opruimen van zwerfafval.
a. de volgende noodzakelijke, rechtstreeks aan het project toe te rekenen en door de aanvrager tot subsidieverlening gemaakte en betaalde kosten: 1°. totale loonkosten van het bij de uitvoering van het project betrokken personeel, uitgaande van een voor dat personeel representatief uurtarief van ten hoogste € 34,–;
2°. aan derden verschuldigde kosten terzake van door hen verleende diensten en terzake van de verwerving van kennis en intellectuele eigendomsrechten alsmede terzake van de bescherming van die rechten, exclusief winstopslagen bij transacties binnen een groep;
3°. een opslag voor algemene kosten, ter grootte van 40% van de loonkosten, bedoeld in onderdeel a, onder 1°;
1°. totale loonkosten van het bij de uitvoering van het project betrokken personeel, uitgaande van een voor dat personeel representatief uurtarief van ten hoogste € 34,–;
2°. aan derden verschuldigde kosten terzake van door hen verleende diensten en terzake van de verwerving van kennis en intellectuele eigendomsrechten alsmede terzake van de bescherming van die rechten, exclusief winstopslagen bij transacties binnen een groep;
3°. een opslag voor algemene kosten, ter grootte van 40% van de loonkosten, bedoeld in onderdeel a, onder 1°;
b. de kosten van verbruikte materialen en hulpmiddelen op basis van historische aanschafprijzen, exclusief winstopslagen bij transacties binnen een groep;
c. de kosten van afschrijving van investeringsgoederen aangeschaft voor het project en berekend op basis van de aanschafwaarde, exclusief winstopslagen bij transacties binnen een groep, een lineaire afschrijvingsmethode over de projectduur en een levensduur van 5 jaar.
2. De kosten verbonden aan een proeftuinproject worden slechts tot de subsidiabele kosten gerekend, voor zover die kosten rechtstreeks zijn toe te rekenen aan het innovatieve karakter van het project of projectresultaat.
3. Kosten worden in aanmerking genomen met inbegrip van omzetbelasting indien de subsidieaanvrager de omzetbelasting niet kan verrekenen of compenseren.
4. Kosten die zijn gemaakt vóór de indiening van de aanvraag tot subsidieverlening en kosten die voortvloeien uit verplichtingen die zijn aangegaan vóór de indiening van de aanvraag tot subsidieverlening worden niet tot de subsidiabele kosten gerekend. Een uitzondering hierop vormen de kosten voor het actualiseren van een nulmeting zwerfafval of de kosten voor het verzamelen van de met de nulmeting zwerfafval vergelijkbare representatieve gegevens, bedoeld in artikel 4, tweede lid, onderdeel a.
5. Niet subsidiabel zijn de kosten voor de aanschaf of afschrijving van inzamelvoertuigen en veegmateriaal voor het opruimen van zwerfafval.