BWBR0022499
Geldig vanaf 2007-09-12
Artikel 11
Subsidieregeling aanpak zwerfafval
1. De subsidie voor een basisproject bedraagt voor een gemeente of een stadsdeel 75% van de subsidiabele kosten met een maximumbedrag overeenkomstig bijlage IIIbij deze regeling.
2. De subsidie voor een basisproject voor een samenwerkingsverband is per deelnemende gemeente of deelnemend stadsdeel gelijk aan de subsidie die aan deze gemeente of dit stadsdeel afzonderlijk krachtens het eerste lid zou worden verleend.
3. De subsidie voor een plusproject bedraagt voor een gemeente of een stadsdeel 50% van de subsidiabele kosten met een maximumbedrag overeenkomstig bijlage IIIbij deze regeling.
4. In afwijking van het derde lid bedraagt de subsidie voor de actualisatie van een bestaande nulmeting zwerfafval of de kosten voor het verzamelen van de met de nulmeting zwerfafval vergelijkbare representatieve gegevens, bedoeld in artikel 4, tweede lid, onderdeel a: € 5.000,–. Dit subsidiebedrag telt niet mee ter bepaling van het maximumbedrag overeenkomstig bijlage IIIvan deze regeling.
5. De subsidie voor een plusproject voor een samenwerkingsverband is per deelnemende gemeente of deelnemend stadsdeel gelijk aan de subsidie die aan deze gemeente of dit stadsdeel afzonderlijk krachtens het derde lid zou worden verleend.
6. De subsidie voor een proeftuinproject bedraagt 75% van de subsidiabele kosten met een maximum van € 250.000,–.
2. De subsidie voor een basisproject voor een samenwerkingsverband is per deelnemende gemeente of deelnemend stadsdeel gelijk aan de subsidie die aan deze gemeente of dit stadsdeel afzonderlijk krachtens het eerste lid zou worden verleend.
3. De subsidie voor een plusproject bedraagt voor een gemeente of een stadsdeel 50% van de subsidiabele kosten met een maximumbedrag overeenkomstig bijlage IIIbij deze regeling.
4. In afwijking van het derde lid bedraagt de subsidie voor de actualisatie van een bestaande nulmeting zwerfafval of de kosten voor het verzamelen van de met de nulmeting zwerfafval vergelijkbare representatieve gegevens, bedoeld in artikel 4, tweede lid, onderdeel a: € 5.000,–. Dit subsidiebedrag telt niet mee ter bepaling van het maximumbedrag overeenkomstig bijlage IIIvan deze regeling.
5. De subsidie voor een plusproject voor een samenwerkingsverband is per deelnemende gemeente of deelnemend stadsdeel gelijk aan de subsidie die aan deze gemeente of dit stadsdeel afzonderlijk krachtens het derde lid zou worden verleend.
6. De subsidie voor een proeftuinproject bedraagt 75% van de subsidiabele kosten met een maximum van € 250.000,–.