BWBR0022224
Geldig vanaf 2007-07-15
Artikel 11
Subsidieregeling maritieme haalbaarheids-, en innovatieprojecten module 2007 van de Experimentele kaderregeling subsidies innovatieprojecten
1. Er is een Adviescommissie Maritiem Innovatie Programma, die tot taak heeft de Minister op zijn verzoek te adviseren over aanvragen om subsidie voor een maritiem innovatieproject. Artikel 6 van de kaderregelingis van toepassing.
2. In afwijking van artikel 6, tweede lid, van de kaderregelingbestaat de Adviescommissie Maritiem Innovatie Programma uit een voorzitter en ten minste drie leden.
3. De Minister wint over de aanvragen om een subsidie voor een maritiem innovatieproject, waarop niet op grond van artikel 15 van de kaderregelingof 10van deze regeling afwijzend wordt beslist het advies in van de adviescommissie.
4. De Minister rangschikt, daarbij geadviseerd door de adviescommissie, de aanvragen zodanig, dat een project hoger wordt gerangschikt naarmate:
a. de kwaliteit van de samenwerking hoger is;
b. het meer bijdraagt aan technologische innovatie;
c. het economisch perspectief, ten minste blijkend uit de toepassingsmogelijkheden van de projectresultaten alsmede het perspectief op arbeidsplaatsen of kennisuitwisseling met human capital, beter is;
d. het meer bijdraagt aan duurzaamheid.
5. Voor de rangschikking wegen de in het vierde lid vermelde criteria even zwaar.
2. In afwijking van artikel 6, tweede lid, van de kaderregelingbestaat de Adviescommissie Maritiem Innovatie Programma uit een voorzitter en ten minste drie leden.
3. De Minister wint over de aanvragen om een subsidie voor een maritiem innovatieproject, waarop niet op grond van artikel 15 van de kaderregelingof 10van deze regeling afwijzend wordt beslist het advies in van de adviescommissie.
4. De Minister rangschikt, daarbij geadviseerd door de adviescommissie, de aanvragen zodanig, dat een project hoger wordt gerangschikt naarmate:
a. de kwaliteit van de samenwerking hoger is;
b. het meer bijdraagt aan technologische innovatie;
c. het economisch perspectief, ten minste blijkend uit de toepassingsmogelijkheden van de projectresultaten alsmede het perspectief op arbeidsplaatsen of kennisuitwisseling met human capital, beter is;
d. het meer bijdraagt aan duurzaamheid.
5. Voor de rangschikking wegen de in het vierde lid vermelde criteria even zwaar.