BWBR0021912
Geldig vanaf 2007-09-01
Artikel 35
Uitvoeringswet grondkamers
De voorzitter en de leden van de grondkamers alsmede hun plaatsvervangers kunnen worden gewraakt op de wijze en in de gevallen, omschreven in de <a href="/wet/BWBR0001827" class="text-primary-600 hover:text-primary-700 underline decoration-primary-300">vierde afdeling van de eerste titel van het eerste boek van het Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering</a>, met dien verstande, dat het onderzoek van de redenen van wraking en het beslissen over de wraking geschiedt door de grondkamer.