BWBR0021774
Geldig vanaf 2006-02-10
Artikel 7
Vergoedingsregeling voor uittreding van vissers uit de visserij 2002
1. De aanvraag voor subsidieverlening kan worden ingediend:
a. in de periode van 1 maart 2006 tot en met 31 maart 2006, voor een aanvraag als bedoeld in artikel 2;
b. in de periode van 24 juli tot en met 21 augustus 2006, voor een aanvraag als bedoeld in artikel 2, eerste lid, onderdeel b, voor zover voldaan wordt aan artikel 4, onderdeel d, onder 2°.
2. Het subsidieplafond voor de aanvraagperioden, bedoeld in het eerste lid, bedraagt € 1.800.000,–.
3. De minister verdeelt de beschikbare bedragen in volgorde van ontvangst van de aanvragen, met dien verstande dat wanneer de aanvrager krachtens artikel 4:5 van de Algemene wet bestuursrechtde gelegenheid heeft gehad de aanvraag aan te vullen, de dag waarop de aanvraag volledig is, als datum van ontvangst geldt.
4. Indien door toewijzing van aanvragen met dezelfde datum van ontvangst het subsidieplafond zou worden overschreden, geschiedt toewijzing aan de hand van een rangschikking van de aanvragen, waarbij telkenmale de hoogst gerangschikte aanvraag het eerst voor toewijzing in aanmerking komt. De rangschikking vindt plaats volgens loting die geschiedt door een door de minister aan te wijzen notaris.
5. Voor de toepassing van het vierde lid komen uitsluitend aanvragen in aanmerking ten aanzien waarvan als datum van ontvangst geldt de dag waarop het subsidieplafond zou worden overschreden.
a. in de periode van 1 maart 2006 tot en met 31 maart 2006, voor een aanvraag als bedoeld in artikel 2;
b. in de periode van 24 juli tot en met 21 augustus 2006, voor een aanvraag als bedoeld in artikel 2, eerste lid, onderdeel b, voor zover voldaan wordt aan artikel 4, onderdeel d, onder 2°.
2. Het subsidieplafond voor de aanvraagperioden, bedoeld in het eerste lid, bedraagt € 1.800.000,–.
3. De minister verdeelt de beschikbare bedragen in volgorde van ontvangst van de aanvragen, met dien verstande dat wanneer de aanvrager krachtens artikel 4:5 van de Algemene wet bestuursrechtde gelegenheid heeft gehad de aanvraag aan te vullen, de dag waarop de aanvraag volledig is, als datum van ontvangst geldt.
4. Indien door toewijzing van aanvragen met dezelfde datum van ontvangst het subsidieplafond zou worden overschreden, geschiedt toewijzing aan de hand van een rangschikking van de aanvragen, waarbij telkenmale de hoogst gerangschikte aanvraag het eerst voor toewijzing in aanmerking komt. De rangschikking vindt plaats volgens loting die geschiedt door een door de minister aan te wijzen notaris.
5. Voor de toepassing van het vierde lid komen uitsluitend aanvragen in aanmerking ten aanzien waarvan als datum van ontvangst geldt de dag waarop het subsidieplafond zou worden overschreden.