BWBR0021774
Geldig vanaf 2006-02-10
Artikel 4
Vergoedingsregeling voor uittreding van vissers uit de visserij 2002
Een bijdrage als bedoeld in artikel 2, eerste lid, onderdeel b, wordt slechts verstrekt aan de aanvrager:
a. die zijn arbeids- of maatschapsovereenkomst beëindigt met het oog op zijn vervroegde uittreding uit de zeevisserij;
b. die op 1 januari 2006 de leeftijd van ten minste 56 jaar maar nog niet van 65 jaar heeft bereikt;
c. die ten minste tien jaar zijn beroepsactiviteit als visser heeft uitgeoefend;
d. die zonder onderbreking ten minste twaalf maanden werkzaam is geweest op een vissersvaartuig dat wordt gebruikt voor de zeevisserij, voorafgaand aan de datum: 1°. waarop de aanvraag, bedoeld in artikel 10 is ingediend, of
2°. van beëindiging van de arbeids- of maatschapsovereenkomst, gelegen op een tijdstip in de periode van 12 september 2005 tot en met 31 maart 2006 en er geen sprake is van toepassing van onderdeel 3°, of
3°. waarop zijn arbeids- of maatschapsovereenkomst is beëindigd als rechtstreeks gevolg van de sanering van het vissersvaartuig waarop hij werkzaam is geweest;
1°. waarop de aanvraag, bedoeld in artikel 10 is ingediend, of
2°. van beëindiging van de arbeids- of maatschapsovereenkomst, gelegen op een tijdstip in de periode van 12 september 2005 tot en met 31 maart 2006 en er geen sprake is van toepassing van onderdeel 3°, of
3°. waarop zijn arbeids- of maatschapsovereenkomst is beëindigd als rechtstreeks gevolg van de sanering van het vissersvaartuig waarop hij werkzaam is geweest;
e. die met de in onderdeel d bedoelde werkzaamheden in de betrokken periode de helft van zijn in artikel 3.1 van de Wet inkomstenbelasting(2001 bedoelde inkomen uit werk en woning heeft verdiend;
f. in voorkomend geval, 1e ten aanzien van wie de maatschapsovereenkomst bepaalt dat de eigenaar van het vissersvaartuig niet gehouden is een bijdrage aan de visser te verstrekken wanneer hij het vissersvaartuig uit de maatschap terugtrekt of
2e ten aanzien van wie uit de maatschapsovereenkomst voortvloeit dat de visser geen invloed heeft op de beslissing van de eigenaar van het vissersvaartuig dit uit de maatschap terug te trekken.
1e ten aanzien van wie de maatschapsovereenkomst bepaalt dat de eigenaar van het vissersvaartuig niet gehouden is een bijdrage aan de visser te verstrekken wanneer hij het vissersvaartuig uit de maatschap terugtrekt of
2e ten aanzien van wie uit de maatschapsovereenkomst voortvloeit dat de visser geen invloed heeft op de beslissing van de eigenaar van het vissersvaartuig dit uit de maatschap terug te trekken.
a. die zijn arbeids- of maatschapsovereenkomst beëindigt met het oog op zijn vervroegde uittreding uit de zeevisserij;
b. die op 1 januari 2006 de leeftijd van ten minste 56 jaar maar nog niet van 65 jaar heeft bereikt;
c. die ten minste tien jaar zijn beroepsactiviteit als visser heeft uitgeoefend;
d. die zonder onderbreking ten minste twaalf maanden werkzaam is geweest op een vissersvaartuig dat wordt gebruikt voor de zeevisserij, voorafgaand aan de datum: 1°. waarop de aanvraag, bedoeld in artikel 10 is ingediend, of
2°. van beëindiging van de arbeids- of maatschapsovereenkomst, gelegen op een tijdstip in de periode van 12 september 2005 tot en met 31 maart 2006 en er geen sprake is van toepassing van onderdeel 3°, of
3°. waarop zijn arbeids- of maatschapsovereenkomst is beëindigd als rechtstreeks gevolg van de sanering van het vissersvaartuig waarop hij werkzaam is geweest;
1°. waarop de aanvraag, bedoeld in artikel 10 is ingediend, of
2°. van beëindiging van de arbeids- of maatschapsovereenkomst, gelegen op een tijdstip in de periode van 12 september 2005 tot en met 31 maart 2006 en er geen sprake is van toepassing van onderdeel 3°, of
3°. waarop zijn arbeids- of maatschapsovereenkomst is beëindigd als rechtstreeks gevolg van de sanering van het vissersvaartuig waarop hij werkzaam is geweest;
e. die met de in onderdeel d bedoelde werkzaamheden in de betrokken periode de helft van zijn in artikel 3.1 van de Wet inkomstenbelasting(2001 bedoelde inkomen uit werk en woning heeft verdiend;
f. in voorkomend geval, 1e ten aanzien van wie de maatschapsovereenkomst bepaalt dat de eigenaar van het vissersvaartuig niet gehouden is een bijdrage aan de visser te verstrekken wanneer hij het vissersvaartuig uit de maatschap terugtrekt of
2e ten aanzien van wie uit de maatschapsovereenkomst voortvloeit dat de visser geen invloed heeft op de beslissing van de eigenaar van het vissersvaartuig dit uit de maatschap terug te trekken.
1e ten aanzien van wie de maatschapsovereenkomst bepaalt dat de eigenaar van het vissersvaartuig niet gehouden is een bijdrage aan de visser te verstrekken wanneer hij het vissersvaartuig uit de maatschap terugtrekt of
2e ten aanzien van wie uit de maatschapsovereenkomst voortvloeit dat de visser geen invloed heeft op de beslissing van de eigenaar van het vissersvaartuig dit uit de maatschap terug te trekken.