BWBR0021281
Geldig vanaf 2015-04-30
Artikel 5:4
Regeling LNV-subsidies
1. De volgende kosten voor de uitvoering van de activiteiten, bedoeld in artikel 5:3, tweede lid, onderdeel a, komen in aanmerking voor de subsidie:
a. kosten voor de bouw, inrichting of verbetering van onroerende zaken;
b. kosten voor verwerving van onroerende zaken, met uitzondering van grond, waarin zijn begrepen de daaraan verbonden kosten van overdrachtsbelasting, notariële kosten en de kosten van inschrijving bij het kadaster;
c. kosten voor de aanschaf van nieuwe machines en apparatuur, waarvan de aanvrager eerste gebruiker is;
d. kosten voor de aanschaf van plantmateriaal en de kosten van derden voor het planten van blijvende teelten, bedoeld in artikel 2, onderdeel b, van verordening 1120/2009.
2. De volgende kosten voor de uitvoering van de activiteiten, bedoeld in artikel 5:3, tweede lid, onderdeel b, komen in aanmerking voor de subsidie:
a. kosten voor de bouw, verwerving, verbetering of inrichting van onroerende goederen, met uitzondering van de verwerving van grond;
b. kosten voor de aankoop of huurkoop van nieuwe machines en apparatuur, inclusief computersoftware tot aan de marktwaarde van het goed;
c. kosten voor de ontwikkeling van nieuwe machines of apparatuur;
d. kosten voor de ontwikkeling en operationalisering van processen, procédés, technologieën, marketingconcepten, product-marktcombinaties en andere innovaties;
e. algemene kosten verbonden aan de kosten, bedoeld in de onderdelen a tot en met d, zoals kosten voor de architecten en ingenieurs, honoraria van adviseurs tot een hoogte van 15% van het totale subsidiebedrag, haalbaarheidsstudies, controleverklaring van een accountant, verwerven van patenten en vergunningen.
3. Voor de subsidie voor de uitvoering van activiteiten bedoeld in artikel 5:3, tweede lid, onderdeel a, komen niet in aanmerking kosten voor de verwerving van onroerende zaken, ten behoeve waarvan subsidie door een bestuursorgaan is verleend in de periode van tien jaar voorafgaand aan de ontvangstdatum van de aanvraag tot subsidieverlening.
4. Geen subsidie wordt verstrekt voor kosten voor de uitvoering van de activiteiten, bedoeld in artikel 5:3, tweede lid, onderdeel b, met betrekking tot een leasecontract, zoals de marge van de leaseorganisatie, herfinancieringskosten, overheadkosten en verzekeringspremies.
5.. Indien subsidie wordt verstrekt voor een investering, wordt de beschikking tot subsidievaststelling onverminderd artikel 4:49 van de Algemene wet bestuursrechtingetrokken indien de investering gedurende vijf jaar te rekenen vanaf de datum van subsidievaststelling een belangrijke wijziging ondergaat die:
a. de aard van de investering of de bij of krachtens deze regeling opgelegde uitvoeringsvoorwaarden raakt;
b. een onderneming of overheidsinstantie onrechtmatig voordeel oplevert, of
c. het gevolg is hetzij van een verandering in de aard van de eigendom van een infrastructuurvoorziening, hetzij van de beëindiging of verplaatsing van productiecapaciteit.
a. kosten voor de bouw, inrichting of verbetering van onroerende zaken;
b. kosten voor verwerving van onroerende zaken, met uitzondering van grond, waarin zijn begrepen de daaraan verbonden kosten van overdrachtsbelasting, notariële kosten en de kosten van inschrijving bij het kadaster;
c. kosten voor de aanschaf van nieuwe machines en apparatuur, waarvan de aanvrager eerste gebruiker is;
d. kosten voor de aanschaf van plantmateriaal en de kosten van derden voor het planten van blijvende teelten, bedoeld in artikel 2, onderdeel b, van verordening 1120/2009.
2. De volgende kosten voor de uitvoering van de activiteiten, bedoeld in artikel 5:3, tweede lid, onderdeel b, komen in aanmerking voor de subsidie:
a. kosten voor de bouw, verwerving, verbetering of inrichting van onroerende goederen, met uitzondering van de verwerving van grond;
b. kosten voor de aankoop of huurkoop van nieuwe machines en apparatuur, inclusief computersoftware tot aan de marktwaarde van het goed;
c. kosten voor de ontwikkeling van nieuwe machines of apparatuur;
d. kosten voor de ontwikkeling en operationalisering van processen, procédés, technologieën, marketingconcepten, product-marktcombinaties en andere innovaties;
e. algemene kosten verbonden aan de kosten, bedoeld in de onderdelen a tot en met d, zoals kosten voor de architecten en ingenieurs, honoraria van adviseurs tot een hoogte van 15% van het totale subsidiebedrag, haalbaarheidsstudies, controleverklaring van een accountant, verwerven van patenten en vergunningen.
3. Voor de subsidie voor de uitvoering van activiteiten bedoeld in artikel 5:3, tweede lid, onderdeel a, komen niet in aanmerking kosten voor de verwerving van onroerende zaken, ten behoeve waarvan subsidie door een bestuursorgaan is verleend in de periode van tien jaar voorafgaand aan de ontvangstdatum van de aanvraag tot subsidieverlening.
4. Geen subsidie wordt verstrekt voor kosten voor de uitvoering van de activiteiten, bedoeld in artikel 5:3, tweede lid, onderdeel b, met betrekking tot een leasecontract, zoals de marge van de leaseorganisatie, herfinancieringskosten, overheadkosten en verzekeringspremies.
5.. Indien subsidie wordt verstrekt voor een investering, wordt de beschikking tot subsidievaststelling onverminderd artikel 4:49 van de Algemene wet bestuursrechtingetrokken indien de investering gedurende vijf jaar te rekenen vanaf de datum van subsidievaststelling een belangrijke wijziging ondergaat die:
a. de aard van de investering of de bij of krachtens deze regeling opgelegde uitvoeringsvoorwaarden raakt;
b. een onderneming of overheidsinstantie onrechtmatig voordeel oplevert, of
c. het gevolg is hetzij van een verandering in de aard van de eigendom van een infrastructuurvoorziening, hetzij van de beëindiging of verplaatsing van productiecapaciteit.