BWBR0021281
Geldig vanaf 2015-04-30
Artikel 3:70
Regeling LNV-subsidies
Geen subsidie wordt verstrekt indien:
a. de aanvraag niet voldoet aan het bepaalde in deze titel;
b. het project uit activiteiten bestaat die reeds gangbaar zijn in de onderneming of de eigen sector;
c. de subsidiabele projectkosten minder bedragen dan € 200.000,–;
d. een project in hoofdzaak of uitsluitend gericht is op: 1°. de ontwikkeling van nieuwe meetmethoden, meetinstrumenten of certificering;
2°. theoretische kennisontwikkeling dan wel de ontwikkeling van kennis binnen de projectperiode zonder dat er activiteiten worden uitgevoerd binnen het project die leiden tot een positieve impact op biodiversiteit;
3°. duurzame energie of emissie van broeikasgassen die geen directe impact hebben op biodiversiteit en ecosystemen;
4°. het saneren van milieuverontreinigende situaties, tenzij dat noodzakelijk is voor en substantieel bijdraagt aan het doel van het project;
5°. bewustwording dan wel attitudeverandering ten aanzien van maatschappelijk verantwoord ondernemen dan wel gedrag binnen of buiten de onderneming;
1°. de ontwikkeling van nieuwe meetmethoden, meetinstrumenten of certificering;
2°. theoretische kennisontwikkeling dan wel de ontwikkeling van kennis binnen de projectperiode zonder dat er activiteiten worden uitgevoerd binnen het project die leiden tot een positieve impact op biodiversiteit;
3°. duurzame energie of emissie van broeikasgassen die geen directe impact hebben op biodiversiteit en ecosystemen;
4°. het saneren van milieuverontreinigende situaties, tenzij dat noodzakelijk is voor en substantieel bijdraagt aan het doel van het project;
5°. bewustwording dan wel attitudeverandering ten aanzien van maatschappelijk verantwoord ondernemen dan wel gedrag binnen of buiten de onderneming;
e. een project geheel dan wel ten dele wordt uitgevoerd na 31 december 2016;
f. de minister onvoldoende vertrouwen heeft dat het project economisch, technisch of organisatorisch haalbaar is;
g. de score van het project, op een of meer van de in artikel 3:71, eerste lid, genoemde criteria minder dan 60% van de te behalen punten is;
h. indien een onderneming of deelnemers van het samenwerkingsverband op grond van verordening (EG) nr. 1998/2006 geen steun mag of mogen ontvangen.
a. de aanvraag niet voldoet aan het bepaalde in deze titel;
b. het project uit activiteiten bestaat die reeds gangbaar zijn in de onderneming of de eigen sector;
c. de subsidiabele projectkosten minder bedragen dan € 200.000,–;
d. een project in hoofdzaak of uitsluitend gericht is op: 1°. de ontwikkeling van nieuwe meetmethoden, meetinstrumenten of certificering;
2°. theoretische kennisontwikkeling dan wel de ontwikkeling van kennis binnen de projectperiode zonder dat er activiteiten worden uitgevoerd binnen het project die leiden tot een positieve impact op biodiversiteit;
3°. duurzame energie of emissie van broeikasgassen die geen directe impact hebben op biodiversiteit en ecosystemen;
4°. het saneren van milieuverontreinigende situaties, tenzij dat noodzakelijk is voor en substantieel bijdraagt aan het doel van het project;
5°. bewustwording dan wel attitudeverandering ten aanzien van maatschappelijk verantwoord ondernemen dan wel gedrag binnen of buiten de onderneming;
1°. de ontwikkeling van nieuwe meetmethoden, meetinstrumenten of certificering;
2°. theoretische kennisontwikkeling dan wel de ontwikkeling van kennis binnen de projectperiode zonder dat er activiteiten worden uitgevoerd binnen het project die leiden tot een positieve impact op biodiversiteit;
3°. duurzame energie of emissie van broeikasgassen die geen directe impact hebben op biodiversiteit en ecosystemen;
4°. het saneren van milieuverontreinigende situaties, tenzij dat noodzakelijk is voor en substantieel bijdraagt aan het doel van het project;
5°. bewustwording dan wel attitudeverandering ten aanzien van maatschappelijk verantwoord ondernemen dan wel gedrag binnen of buiten de onderneming;
e. een project geheel dan wel ten dele wordt uitgevoerd na 31 december 2016;
f. de minister onvoldoende vertrouwen heeft dat het project economisch, technisch of organisatorisch haalbaar is;
g. de score van het project, op een of meer van de in artikel 3:71, eerste lid, genoemde criteria minder dan 60% van de te behalen punten is;
h. indien een onderneming of deelnemers van het samenwerkingsverband op grond van verordening (EG) nr. 1998/2006 geen steun mag of mogen ontvangen.