BWBR0021086
Geldig vanaf 2007-02-01
Artikel 9
Regeling meetreservoirs, vloeistofhoogtemeters en discontinue brandstofmeters
Meetreservoirs zijn naar hun samenstelling en de wijze van opstelling te onderscheiden in:
a. reservoirs, welke, behoudens geringe afwijkingen, de vorm hebben van: 1°. een rechte cilinder, waarvan de beschrijvende lijnen verticaal zijn;
2°. een rechthoekig parallellepipedum, waarvan de langste ribben verticaal zijn;
3°. een kubus, waarvan vier ribben verticaal zijn;
4°. een bol;
1°. een rechte cilinder, waarvan de beschrijvende lijnen verticaal zijn;
2°. een rechthoekig parallellepipedum, waarvan de langste ribben verticaal zijn;
3°. een kubus, waarvan vier ribben verticaal zijn;
4°. een bol;
b. reservoirs, welke, behoudens geringe afwijkingen, de vorm hebben van: 1°. een rechte cilinder, waarvan de beschrijvende lijnen horizontaal zijn;
2°. een rechthoekig parallellepipedum, waarvan 4 ribben, doch niet de langste, verticaal zijn;
1°. een rechte cilinder, waarvan de beschrijvende lijnen horizontaal zijn;
2°. een rechthoekig parallellepipedum, waarvan 4 ribben, doch niet de langste, verticaal zijn;
c. andere reservoirs dan die, bedoeld onder a en b, voor zover de samenstelling en de wijze van opstelling ervan naar het oordeel van een aangewezen instantie voldoende doelmatig zijn.
a. reservoirs, welke, behoudens geringe afwijkingen, de vorm hebben van: 1°. een rechte cilinder, waarvan de beschrijvende lijnen verticaal zijn;
2°. een rechthoekig parallellepipedum, waarvan de langste ribben verticaal zijn;
3°. een kubus, waarvan vier ribben verticaal zijn;
4°. een bol;
1°. een rechte cilinder, waarvan de beschrijvende lijnen verticaal zijn;
2°. een rechthoekig parallellepipedum, waarvan de langste ribben verticaal zijn;
3°. een kubus, waarvan vier ribben verticaal zijn;
4°. een bol;
b. reservoirs, welke, behoudens geringe afwijkingen, de vorm hebben van: 1°. een rechte cilinder, waarvan de beschrijvende lijnen horizontaal zijn;
2°. een rechthoekig parallellepipedum, waarvan 4 ribben, doch niet de langste, verticaal zijn;
1°. een rechte cilinder, waarvan de beschrijvende lijnen horizontaal zijn;
2°. een rechthoekig parallellepipedum, waarvan 4 ribben, doch niet de langste, verticaal zijn;
c. andere reservoirs dan die, bedoeld onder a en b, voor zover de samenstelling en de wijze van opstelling ervan naar het oordeel van een aangewezen instantie voldoende doelmatig zijn.