BWBR0020546
Geldig vanaf 2007-01-01
Artikel 13
Besluit instelling Kustwacht
1. Er is een Kustwachtdriemanschap.
2. Het Kustwachtdriemanschap bestaat uit:
a. de Hoofdingenieur-Directeur van de Dienst Noordzee van Rijkswaterstaat;
b. de voorzitter van de PKHN;
c. de Directeur Kustwacht.
3. Onverlet de verantwoordelijkheid van de Directeur Kustwacht voor de uitvoering van het Activiteitenplan en Begroting, bewaakt het Kustwachtdriemanschap in opdracht van de Raad voor de Kustwacht, aan de hand van het Handhavingsplan, het Dienstverleningsplan en de voortgangsrapportages van de Directeur Kustwacht, de voorbereiding, uitvoering en verantwoording van het Activiteitenplan en Begroting en lost daarin zonodig knelpunten op, of legt besluiten daartoe voor aan de Raad voor de Kustwacht.
4. De voorzitter van de PKHN en de Hoofdingenieur-Directeur informeren de diensten van de betrokken departementen over knelpunten in de uitvoering van het Activiteitenplan en Begroting en de besluitvorming daarover.
5. Besluiten binnen het Kustwachtdriemanschap worden, gehoord het advies van de Directeur Kustwacht, door de voorzitter PKHN en de Hoofdingenieur-Directeur van de Dienst Noordzee van Rijkswaterstaat gezamenlijk genomen, en zij leggen daarover verantwoording af aan de Raad voor de Kustwacht.
6. De Directeur Kustwacht voert in het vijfde lid bedoelde besluiten uit voor zover deze kustwachttaken betreffen.
7. Het secretariaat wordt gevoerd door Rijkswaterstaat.
8. Het Kustwachtdriemanschap stelt een huishoudelijk reglement vast.
2. Het Kustwachtdriemanschap bestaat uit:
a. de Hoofdingenieur-Directeur van de Dienst Noordzee van Rijkswaterstaat;
b. de voorzitter van de PKHN;
c. de Directeur Kustwacht.
3. Onverlet de verantwoordelijkheid van de Directeur Kustwacht voor de uitvoering van het Activiteitenplan en Begroting, bewaakt het Kustwachtdriemanschap in opdracht van de Raad voor de Kustwacht, aan de hand van het Handhavingsplan, het Dienstverleningsplan en de voortgangsrapportages van de Directeur Kustwacht, de voorbereiding, uitvoering en verantwoording van het Activiteitenplan en Begroting en lost daarin zonodig knelpunten op, of legt besluiten daartoe voor aan de Raad voor de Kustwacht.
4. De voorzitter van de PKHN en de Hoofdingenieur-Directeur informeren de diensten van de betrokken departementen over knelpunten in de uitvoering van het Activiteitenplan en Begroting en de besluitvorming daarover.
5. Besluiten binnen het Kustwachtdriemanschap worden, gehoord het advies van de Directeur Kustwacht, door de voorzitter PKHN en de Hoofdingenieur-Directeur van de Dienst Noordzee van Rijkswaterstaat gezamenlijk genomen, en zij leggen daarover verantwoording af aan de Raad voor de Kustwacht.
6. De Directeur Kustwacht voert in het vijfde lid bedoelde besluiten uit voor zover deze kustwachttaken betreffen.
7. Het secretariaat wordt gevoerd door Rijkswaterstaat.
8. Het Kustwachtdriemanschap stelt een huishoudelijk reglement vast.