BWBR0020546
Geldig vanaf 2007-01-01
Artikel 11
Besluit instelling Kustwacht
1. Er is een Permanente Kontaktgroep Handhaving Noordzee (hierna PKHN).
2. De PKHN heeft tot taak de Minister van Justitie bij te staan bij diens werkzaamheden genoemd in artikel 10.
3. De PKHN stelt in opdracht van de Raad voor de Kustwacht een Handhavingsplan op, rekening houdend met de door de Raad voor de Kustwacht aangegeven beleidsprioriteiten.
4. In de PKHN hebben zitting:
a. de Officier van Justitie Noordzeezaken van het Openbaar Ministerie (voorzitter);
b. de Voorzitter van het Managementteam Belastingdienst/Douane West van het Ministerie van Financiën;
c. de Hoofdinspecteur Algemene Inspectiedienst van het Ministerie van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit;
d. de Directeur Operaties Koninklijke Marechaussee van het Ministerie van Defensie;
e. het Hoofd Dienst Waterpolitie van het Korps Landelijke Politiediensten van het Ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties;
f. het Hoofd Handhaving en Incidentenaanpak van de Dienst Noordzee Rijkswaterstaat van het Ministerie van Verkeer en Waterstaat;
g. de Hoofdinspecteur Zeevaart van de Inspectie Verkeer en Waterstaat van het Ministerie van Verkeer en Waterstaat; en
h. de plaatsvervangend inspecteur-generaal der Mijnen van het Ministerie van Economische Zaken.
5. De Minister van Verkeer en Waterstaat benoemt in overeenstemming met de Ministers wie het mede aangaat de voorzitter van de PKHN.
6. De voorzitter vertegenwoordigt de PKHN in de Raad voor de Kustwacht.
7. De voorzitter heeft zitting in het Kustwachtdriemanschap en is in opdracht van de Raad voor de Kustwacht gedelegeerd opdrachtgever op het gebied van handhaving.
8. De Directeur Kustwacht neemt zitting in de PKHN als adviseur.
9. Het secretariaat van de PKHN wordt gevoerd door het Openbaar Ministerie.
10. De PKHN stelt een huishoudelijk reglement vast.
2. De PKHN heeft tot taak de Minister van Justitie bij te staan bij diens werkzaamheden genoemd in artikel 10.
3. De PKHN stelt in opdracht van de Raad voor de Kustwacht een Handhavingsplan op, rekening houdend met de door de Raad voor de Kustwacht aangegeven beleidsprioriteiten.
4. In de PKHN hebben zitting:
a. de Officier van Justitie Noordzeezaken van het Openbaar Ministerie (voorzitter);
b. de Voorzitter van het Managementteam Belastingdienst/Douane West van het Ministerie van Financiën;
c. de Hoofdinspecteur Algemene Inspectiedienst van het Ministerie van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit;
d. de Directeur Operaties Koninklijke Marechaussee van het Ministerie van Defensie;
e. het Hoofd Dienst Waterpolitie van het Korps Landelijke Politiediensten van het Ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties;
f. het Hoofd Handhaving en Incidentenaanpak van de Dienst Noordzee Rijkswaterstaat van het Ministerie van Verkeer en Waterstaat;
g. de Hoofdinspecteur Zeevaart van de Inspectie Verkeer en Waterstaat van het Ministerie van Verkeer en Waterstaat; en
h. de plaatsvervangend inspecteur-generaal der Mijnen van het Ministerie van Economische Zaken.
5. De Minister van Verkeer en Waterstaat benoemt in overeenstemming met de Ministers wie het mede aangaat de voorzitter van de PKHN.
6. De voorzitter vertegenwoordigt de PKHN in de Raad voor de Kustwacht.
7. De voorzitter heeft zitting in het Kustwachtdriemanschap en is in opdracht van de Raad voor de Kustwacht gedelegeerd opdrachtgever op het gebied van handhaving.
8. De Directeur Kustwacht neemt zitting in de PKHN als adviseur.
9. Het secretariaat van de PKHN wordt gevoerd door het Openbaar Ministerie.
10. De PKHN stelt een huishoudelijk reglement vast.