BWBR0020415
Geldig vanaf 2016-01-01
Artikel 24
Besluit prudentieel toezicht financiële groepen Wft
1. Een onderneming als bedoeld in artikel 3:296, eerste lid, van de wetverstrekt de in het vierde lid van dat artikelbedoelde berekening eenmaal per jaar. De Nederlandsche Bank kan, indien ontwikkelingen in de aanvullende kapitaaltoereikendheid daar aanleiding toe geven, besluiten dat die onderneming de berekening met een hogere frequentie verstrekt.
2. De Nederlandsche Bank stelt, met inachtneming van het bepaalde ingevolge het Deel Prudentieel toezicht financiële ondernemingen van de wet, alsmede met inachtneming van Titel 9 van Boek 2 van het Burgerlijk Wetboeken de internationale jaarrekeningstandaarden, nadere regels met betrekking tot de rapportage van de aanvullende kapitaaltoereikendheid. Artikel 4, vierde lid, is van toepassing.
3. De in het eerste lid bedoelde onderneming verstrekt bovendien eenmaal per jaar op een na overleg met de Nederlandsche Bank door de onderneming te bepalen tijdstip de informatie die aan het groepsbestuur van het financiële conglomeraat wordt verstrekt over de aanvullende kapitaaltoereikendheid en die is opgesteld met gebruikmaking van de procedures, bedoeld in artikel 28, eerste lid, onderdeel a.
2. De Nederlandsche Bank stelt, met inachtneming van het bepaalde ingevolge het Deel Prudentieel toezicht financiële ondernemingen van de wet, alsmede met inachtneming van Titel 9 van Boek 2 van het Burgerlijk Wetboeken de internationale jaarrekeningstandaarden, nadere regels met betrekking tot de rapportage van de aanvullende kapitaaltoereikendheid. Artikel 4, vierde lid, is van toepassing.
3. De in het eerste lid bedoelde onderneming verstrekt bovendien eenmaal per jaar op een na overleg met de Nederlandsche Bank door de onderneming te bepalen tijdstip de informatie die aan het groepsbestuur van het financiële conglomeraat wordt verstrekt over de aanvullende kapitaaltoereikendheid en die is opgesteld met gebruikmaking van de procedures, bedoeld in artikel 28, eerste lid, onderdeel a.