BWBR0020099
Geldig vanaf 2006-07-27
Artikel 10
Tijdelijke subsidieregeling CO2-reductie gebouwde omgeving 2006
1. De in artikel 14, eerste lid, van het Besluit milieusubsidiesgenoemde termijnen voor het indienen van de aanvraag tot subsidievaststelling gaan in na het tijdstip waarop het CO 2-reductieproject met inachtneming van artikel 9, tweede of derde lid, moet zijn voltooid.
2. De subsidieaanvrager dient een tot de minister gerichte aanvraag tot subsidievaststelling in bij het agentschap. De aanvraag wordt ingericht overeenkomstig het model dat is opgenomen in bijlage IVabij deze regeling voor niet tot bewoning bestemde gebouwen respectievelijk bijlage IVbbij deze regeling voor tot bewoning bestemde gebouwen.
3. Indien ingevolge artikel 14, tweede lid, aanhef en onder d, van het Besluit milieusubsidiesbij de aanvraag tot subsidievaststelling een verklaring van een accountant als bedoeld in artikel 393, eerste lid, van Boek 2 van het Burgerlijk Wetboekwordt gevoegd, wordt deze verklaring opgesteld met inachtneming van het daarvoor in bijlage Vbij deze regeling opgenomen protocol.
2. De subsidieaanvrager dient een tot de minister gerichte aanvraag tot subsidievaststelling in bij het agentschap. De aanvraag wordt ingericht overeenkomstig het model dat is opgenomen in bijlage IVabij deze regeling voor niet tot bewoning bestemde gebouwen respectievelijk bijlage IVbbij deze regeling voor tot bewoning bestemde gebouwen.
3. Indien ingevolge artikel 14, tweede lid, aanhef en onder d, van het Besluit milieusubsidiesbij de aanvraag tot subsidievaststelling een verklaring van een accountant als bedoeld in artikel 393, eerste lid, van Boek 2 van het Burgerlijk Wetboekwordt gevoegd, wordt deze verklaring opgesteld met inachtneming van het daarvoor in bijlage Vbij deze regeling opgenomen protocol.