Artikel 1
1. In deze regeling wordt verstaan onder:
a. agentschap: agentschap SenterNovem van het Ministerie van Economische Zaken;
b. CO2-reductieproject: project met als doel het reduceren van de emissie van CO2 door middel van het aanschaffen, installeren en in gebruik nemen van een evenwichtig en samenhangend pakket van ten minste twee voorzieningen in een bestaand niet tot bewoning bestemd gebouw dan wel in iedere van het project deel uitmakende woning in een bestaand tot bewoning bestemd gebouw;
c. minister: Minister van Volkshuisvesting, Ruimtelijke Ordening en Milieubeheer;
d. niet tot bewoning bestemd gebouw: gebouw of gedeelte daarvan met een gebruiksfunctie als bedoeld in artikel 1.1, derde lid, van het Bouwbesluit 2003, niet zijnde een woonfunctie, industriefunctie of overige gebruiksfunctie als bedoeld in dat lid, voorzover de aanvraag om bouwvergunning voor het bouwen van dat gebouw is ingediend voor 15 december 1995;
e. tot bewoning bestemd gebouw: gebouw of gedeelte daarvan met een woonfunctie als bedoeld in artikel 1.1, derde lid, van het Bouwbesluit 2003, voorzover de aanvraag om bouwvergunning voor het bouwen van dat gebouw is ingediend voor 15 december 1995;
f. voorziening: een in bijlage Ia of Ib bij deze regeling genoemde technische voorziening ten behoeve van CO2-reductie, die is geleverd en geïnstalleerd door een derde, zijnde een ondernemer.
2. Met de voorzieningen, bedoeld in deze regeling, worden gelijkgesteld de desbetreffende voorzieningen die rechtmatig zijn vervaardigd of in de handel zijn gebracht in een andere lidstaat van de Europese Unie dan wel rechtmatig zijn vervaardigd of in de handel zijn gebracht in een staat, niet zijnde een lidstaat van de Europese Unie, die partij is bij een daartoe strekkend of mede daartoe strekkend Verdrag dat Nederland bindt, en die voldoen aan eisen die een beschermingsniveau bieden dat ten minste gelijkwaardig is aan het niveau dat met de nationale eisen wordt nagestreefd.
a. agentschap: agentschap SenterNovem van het Ministerie van Economische Zaken;
b. CO2-reductieproject: project met als doel het reduceren van de emissie van CO2 door middel van het aanschaffen, installeren en in gebruik nemen van een evenwichtig en samenhangend pakket van ten minste twee voorzieningen in een bestaand niet tot bewoning bestemd gebouw dan wel in iedere van het project deel uitmakende woning in een bestaand tot bewoning bestemd gebouw;
c. minister: Minister van Volkshuisvesting, Ruimtelijke Ordening en Milieubeheer;
d. niet tot bewoning bestemd gebouw: gebouw of gedeelte daarvan met een gebruiksfunctie als bedoeld in artikel 1.1, derde lid, van het Bouwbesluit 2003, niet zijnde een woonfunctie, industriefunctie of overige gebruiksfunctie als bedoeld in dat lid, voorzover de aanvraag om bouwvergunning voor het bouwen van dat gebouw is ingediend voor 15 december 1995;
e. tot bewoning bestemd gebouw: gebouw of gedeelte daarvan met een woonfunctie als bedoeld in artikel 1.1, derde lid, van het Bouwbesluit 2003, voorzover de aanvraag om bouwvergunning voor het bouwen van dat gebouw is ingediend voor 15 december 1995;
f. voorziening: een in bijlage Ia of Ib bij deze regeling genoemde technische voorziening ten behoeve van CO2-reductie, die is geleverd en geïnstalleerd door een derde, zijnde een ondernemer.
2. Met de voorzieningen, bedoeld in deze regeling, worden gelijkgesteld de desbetreffende voorzieningen die rechtmatig zijn vervaardigd of in de handel zijn gebracht in een andere lidstaat van de Europese Unie dan wel rechtmatig zijn vervaardigd of in de handel zijn gebracht in een staat, niet zijnde een lidstaat van de Europese Unie, die partij is bij een daartoe strekkend of mede daartoe strekkend Verdrag dat Nederland bindt, en die voldoen aan eisen die een beschermingsniveau bieden dat ten minste gelijkwaardig is aan het niveau dat met de nationale eisen wordt nagestreefd.