BWBR0018842
Geldig vanaf 2005-12-29
Artikel 14
Besluit dagloonregels werknemersverzekeringen
1. In afwijking van artikel 13, tweede tot en met vierde lid, vindt de evenredige verlaging respectievelijk herziening plaats overeenkomstig het tweede lid van dit artikel indien:
a. de werknemer zijn recht op uitkering op grond van de WW ontleent aan artikel 71, eerste lid, onder a ii of b ii, van verordening (EEG) nr. 1408/71 van de Raad van de Europese gemeenschappen van 14 juni 1971 betreffende de toepassing van de socialezekerheidsregelingen op loontrekkenden en hun gezinnen, die zich binnen de gemeenschap verplaatsen (PbEG L 149);
b. aan de werknemer op grond van die verordening overeenkomstig de bepalingen van de WAO een arbeidsongeschiktheidsuitkering is toegekend, waarvan het bedrag is bepaald naar de verhouding tussen enerzijds de duur van de Nederlandse verzekering en anderzijds de totale duur van 1°. de tijdvakken van Nederlandse verzekering en
2°. de tijdvakken van verzekering of arbeid, vervuld ingevolge de sociale wetgeving van een andere lidstaat of van andere lidstaten; en
1°. de tijdvakken van Nederlandse verzekering en
2°. de tijdvakken van verzekering of arbeid, vervuld ingevolge de sociale wetgeving van een andere lidstaat of van andere lidstaten; en
c. de werknemer geen recht heeft op toekenning van een invaliditeitsuitkering van een of meer lidstaten, dan wel dergelijke invaliditeitsuitkeringen alle zijn ingetrokken, omdat niet of niet meer wordt voldaan aan de openingsvoorwaarden voor het recht op invaliditeitsuitkering.
2. De evenredige verlaging of herziening vindt plaats door het WAO-dagloon of WAO-vervolgdagloon te vermenigvuldigen met de breuk
(100 – (A x B)) / 100
waarbij:
A staat voor het midden van de arbeidsongeschiktheidsklasse die bij de vaststelling of hernieuwde vaststelling in acht wordt genomen;
B staat voor de verhouding, bedoeld in het eerste lid, onderdeel b.
a. de werknemer zijn recht op uitkering op grond van de WW ontleent aan artikel 71, eerste lid, onder a ii of b ii, van verordening (EEG) nr. 1408/71 van de Raad van de Europese gemeenschappen van 14 juni 1971 betreffende de toepassing van de socialezekerheidsregelingen op loontrekkenden en hun gezinnen, die zich binnen de gemeenschap verplaatsen (PbEG L 149);
b. aan de werknemer op grond van die verordening overeenkomstig de bepalingen van de WAO een arbeidsongeschiktheidsuitkering is toegekend, waarvan het bedrag is bepaald naar de verhouding tussen enerzijds de duur van de Nederlandse verzekering en anderzijds de totale duur van 1°. de tijdvakken van Nederlandse verzekering en
2°. de tijdvakken van verzekering of arbeid, vervuld ingevolge de sociale wetgeving van een andere lidstaat of van andere lidstaten; en
1°. de tijdvakken van Nederlandse verzekering en
2°. de tijdvakken van verzekering of arbeid, vervuld ingevolge de sociale wetgeving van een andere lidstaat of van andere lidstaten; en
c. de werknemer geen recht heeft op toekenning van een invaliditeitsuitkering van een of meer lidstaten, dan wel dergelijke invaliditeitsuitkeringen alle zijn ingetrokken, omdat niet of niet meer wordt voldaan aan de openingsvoorwaarden voor het recht op invaliditeitsuitkering.
2. De evenredige verlaging of herziening vindt plaats door het WAO-dagloon of WAO-vervolgdagloon te vermenigvuldigen met de breuk
(100 – (A x B)) / 100
waarbij:
A staat voor het midden van de arbeidsongeschiktheidsklasse die bij de vaststelling of hernieuwde vaststelling in acht wordt genomen;
B staat voor de verhouding, bedoeld in het eerste lid, onderdeel b.