BWBR0018121
Geldig vanaf 08-07-2005
Artikel 5
Subsidieregeling internationale literaire projecten en manifestaties
1. De aanvraag voor subsidie dient gebaseerd te zijn op het begrote exploitatietekort (uitgaven min inkomsten) van de activiteit. Aanvragen die het bedrag van € 150.000,– overstijgen kunnen niet bij het NLPVF worden ingediend.
2. De aanvraag kan uitsluitend betrekking hebben op de geplande internationale manifestatie of het voorgenomen internationale project, en niet op reguliere taken van de instellingen die gefinancieerd worden uit Cultuurnotamiddelen.
3. De aanvraag kan wel afkomstig zijn van een uit de Cultuurnota gesubsidieerde organisatie indien de aanvraag betrekking heeft op activiteiten met een vernieuwend, bijzonder karakter.
4. Aanvrager moet aannemelijk maken dat de geplande manifestatie of het voorgenomen project daadwerkelijk met de financiële middelen, inclusief de gevraagde subsidie, adequaat uitgevoerd kan worden.
5. Een aanvraag dient vergezeld te gaan van het in de toelichting bij het formulier bedoelde documentatiemateriaal en van een begroting.
6. In de begroting dient aangegeven te worden welke andere financiers, sponsors, subsidiegevers of particuliere fondsen zijn aangeschreven, en voor welk bedrag, en in welk stadium de aanvraag is.
7. In de begroting dient aangegeven te worden welke publieksinkomsten worden verwacht.
8. De aanvraag dient vergezeld te zijn van een marketingplan en een schatting van het publieksbereik.
2. De aanvraag kan uitsluitend betrekking hebben op de geplande internationale manifestatie of het voorgenomen internationale project, en niet op reguliere taken van de instellingen die gefinancieerd worden uit Cultuurnotamiddelen.
3. De aanvraag kan wel afkomstig zijn van een uit de Cultuurnota gesubsidieerde organisatie indien de aanvraag betrekking heeft op activiteiten met een vernieuwend, bijzonder karakter.
4. Aanvrager moet aannemelijk maken dat de geplande manifestatie of het voorgenomen project daadwerkelijk met de financiële middelen, inclusief de gevraagde subsidie, adequaat uitgevoerd kan worden.
5. Een aanvraag dient vergezeld te gaan van het in de toelichting bij het formulier bedoelde documentatiemateriaal en van een begroting.
6. In de begroting dient aangegeven te worden welke andere financiers, sponsors, subsidiegevers of particuliere fondsen zijn aangeschreven, en voor welk bedrag, en in welk stadium de aanvraag is.
7. In de begroting dient aangegeven te worden welke publieksinkomsten worden verwacht.
8. De aanvraag dient vergezeld te zijn van een marketingplan en een schatting van het publieksbereik.
- Citeren als
- Art. 5
- Geldig vanaf
- Status
- Geldend recht
- Identificatie
- BWBR0018121
- Officiële bron
- wetten.overheid.nl