Ten aanzien van de stemopneming door een stembureau waar met elektronische stemmachines wordt gestemd, zijn de
artikelen N 2,
N 3en
N 5 tot en met N 8 van het Kiesbesluitvan toepassing, met dien verstande dat:
a. in artikel N 5, eerste lid, eerste volzin, in plaats van «artikel N 4» wordt gelezen: artikel 13 van het Besluit raadplegend referendum Europese Grondwet;
b. in artikel N 5, eerste lid, derde volzin, in plaats van «artikel N 4, eerste lid,» wordt gelezen: artikel 13, eerste lid, van het Besluit raadplegend referendum Europese Grondwet;
c. in artikel N 6, eerste lid, in plaats van «artikel N 4, zesde lid,» wordt gelezen: artikel 13, vijfde lid, van het Besluit raadplegend referendum Europese Grondwet;
d. in artikel N 6, tweede lid, in plaats van «de uitslag van de verkiezingen» wordt gelezen: de uitslag van het referendum;
e. in artikel N 8 in plaats van «de toelating van de gekozen leden tot het vertegenwoordigend orgaan» wordt gelezen: de uitslag van het referendum.