BWBR0017656
Geldig vanaf 2004-12-22
Artikel 6
Tijdelijke regeling verstrekking tachograafkaarten
1. In geval een bestuurderskaart of werkplaatskaart zoek raakt door verlies of diefstal, of beschadigd of slecht werkend is, vraagt de aanvrager binnen zeven kalenderdagen een vervangende kaart aan.
2. In afwijking van artikel 5, eerste lid, beslist de minister op de in het eerste lid bedoelde aanvraag van een bestuurderskaart of werkplaatskaart binnen vijf werkdagen nadat de vergoeding voor het in behandeling nemen van de aanvraag is overgemaakt, indien betreffende kaart gestolen of verloren is geraakt, slecht werkend of beschadigd is.
3. In afwijking van artikel 5, eerste lid, beslist de minister op aanvraag van een bestuurderskaart of werkplaatskaart die in de plaats komt van een kaart met een resterende geldigheidsduur van ten minste 2 weken, binnen de termijn van de resterende geldigheidsduur gerekend vanaf het moment dat de vergoeding voor het in behandeling nemen van de aanvraag is overgemaakt voorzover die termijn nog ten minste één week is.
2. In afwijking van artikel 5, eerste lid, beslist de minister op de in het eerste lid bedoelde aanvraag van een bestuurderskaart of werkplaatskaart binnen vijf werkdagen nadat de vergoeding voor het in behandeling nemen van de aanvraag is overgemaakt, indien betreffende kaart gestolen of verloren is geraakt, slecht werkend of beschadigd is.
3. In afwijking van artikel 5, eerste lid, beslist de minister op aanvraag van een bestuurderskaart of werkplaatskaart die in de plaats komt van een kaart met een resterende geldigheidsduur van ten minste 2 weken, binnen de termijn van de resterende geldigheidsduur gerekend vanaf het moment dat de vergoeding voor het in behandeling nemen van de aanvraag is overgemaakt voorzover die termijn nog ten minste één week is.