BWBR0016675
Geldig vanaf 2004-05-15
Artikel 10
Regeling hoe om te gaan met signalen inzake misstanden en overige integriteitsinbreuken
1. Er is een vertrouwenspersoon integriteit voor het ministerie. Naar behoefte kan bij onderdelen van het ministerie een eigen vertrouwenspersoon integriteit worden aangewezen.
2. De vertrouwenspersoon integriteit wordt na overleg met de desbetreffende ondernemingsraad aangewezen door de secretaris-generaal.
3. De aanwijzing geldt voor een periode van ten hoogste vier jaar.
2. De vertrouwenspersoon integriteit wordt na overleg met de desbetreffende ondernemingsraad aangewezen door de secretaris-generaal.
3. De aanwijzing geldt voor een periode van ten hoogste vier jaar.