BWBR0016506
Geldig vanaf 2004-04-29
Artikel 5
Regeling indicatiecriteria en aanmeldingsformulier leerlinggebonden financiering
1. Een leerling is toelaatbaar tot het speciaal onderwijs aan kinderen met ernstige spraakmoeilijkheden, indien:
a. op basis van logopedisch en psychodiagnostisch onderzoek gericht op het communicatief en cognitief functioneren, zo nodig aangevuld met audiologisch onderzoek, is vastgesteld voor: 1° kinderen tot en met 7 jaar een spraak- of taalstoornis, die niet toe te schrijven is aan het niveau van cognitief functioneren, op het gebied van spraakproductie, bij welke stoornis uit tests een achterstand in spraakontwikkeling van meer dan twee standaarddeviaties blijkt; en op het gebied van spraakperceptie, grammaticale kennisontwikkeling, of lexicale en semantische kennisontwikkeling, bij welke stoornis uit tests op tenminste een van de drie genoemde gebieden een achterstand in spraaktaalontwikkeling van meer dan anderhalve standaarddeviatie blijkt;
2° voor kinderen van 8 jaar of ouder een spraak-of taalstoornis, die niet toe te schrijven is aan het niveau van cognitief functioneren, op het gebied van spraakperceptie, grammaticale kennisontwikkeling, en lexicale en semantische kennisontwikkeling, bij welke stoornis uit tests op tenminste twee van de drie genoemde gebieden een achterstand in spraak-taalontwikkeling van meer dan anderhalve standaarddeviatie blijkt;
1° kinderen tot en met 7 jaar een spraak- of taalstoornis, die niet toe te schrijven is aan het niveau van cognitief functioneren, op het gebied van spraakproductie, bij welke stoornis uit tests een achterstand in spraakontwikkeling van meer dan twee standaarddeviaties blijkt; en op het gebied van spraakperceptie, grammaticale kennisontwikkeling, of lexicale en semantische kennisontwikkeling, bij welke stoornis uit tests op tenminste een van de drie genoemde gebieden een achterstand in spraaktaalontwikkeling van meer dan anderhalve standaarddeviatie blijkt;
2° voor kinderen van 8 jaar of ouder een spraak-of taalstoornis, die niet toe te schrijven is aan het niveau van cognitief functioneren, op het gebied van spraakperceptie, grammaticale kennisontwikkeling, en lexicale en semantische kennisontwikkeling, bij welke stoornis uit tests op tenminste twee van de drie genoemde gebieden een achterstand in spraak-taalontwikkeling van meer dan anderhalve standaarddeviatie blijkt;
b. gerichte spraak- of taaltherapie van een half jaar geen vooruitgang heeft opgeleverd, ofwel een ernstige stoornis, die indien van toepassing volgens het classificatiesysteem DSM-IV of ICD-10 is vastgesteld en de beperking, bedoeld onder c, negatief beïnvloedt;
c. sprake is van een ernstige structurele beperking in de onderwijsparticipatie die blijkt uit: 1° een leerachterstand als bedoeld in artikel 12, onder a. 1°;
2° het ontbreken van algemene leervoorwaarden, bedoeld in artikel 12, onder b., of
3° een zeer geringe communicatieve redzaamheid als bedoeld in artikel 12, onder c. en
1° een leerachterstand als bedoeld in artikel 12, onder a. 1°;
2° het ontbreken van algemene leervoorwaarden, bedoeld in artikel 12, onder b., of
3° een zeer geringe communicatieve redzaamheid als bedoeld in artikel 12, onder c. en
d. de zorg vanuit het regulier onderwijs als bedoeld in artikel 13 onvoldoende effect heeft gesorteerd of zal kunnen sorteren, en de ondersteuning als bedoeld in artikel 13 deelname aan het regulier onderwijs niet mogelijk maakt.
2. Een leerling is tevens toelaatbaar tot het onderwijs, bedoeld in het eerste lid, aanhef, indien:
a. een stoornis uit het autismespectrum die volgens de DSM IV classificatie is vastgesteld, waarbij de verbale communicatieve beperking op de voorgrond staat, blijkend uit een score op het gebied van lexicale en semantische kennisontwikkeling van minimaal 1.5 standaarddeviatie onder het gemiddelde;
b. sprake is van een ernstige structurele beperking als bedoeld in het eerste lid, onder c. en
c. de zorg vanuit het regulier onderwijs als bedoeld in artikel 13 onvoldoende effect heeft gesorteerd of zal kunnen sorteren, en de ondersteuning als bedoeld in artikel 13 deelname aan het regulier onderwijs niet mogelijk maakt.
a. op basis van logopedisch en psychodiagnostisch onderzoek gericht op het communicatief en cognitief functioneren, zo nodig aangevuld met audiologisch onderzoek, is vastgesteld voor: 1° kinderen tot en met 7 jaar een spraak- of taalstoornis, die niet toe te schrijven is aan het niveau van cognitief functioneren, op het gebied van spraakproductie, bij welke stoornis uit tests een achterstand in spraakontwikkeling van meer dan twee standaarddeviaties blijkt; en op het gebied van spraakperceptie, grammaticale kennisontwikkeling, of lexicale en semantische kennisontwikkeling, bij welke stoornis uit tests op tenminste een van de drie genoemde gebieden een achterstand in spraaktaalontwikkeling van meer dan anderhalve standaarddeviatie blijkt;
2° voor kinderen van 8 jaar of ouder een spraak-of taalstoornis, die niet toe te schrijven is aan het niveau van cognitief functioneren, op het gebied van spraakperceptie, grammaticale kennisontwikkeling, en lexicale en semantische kennisontwikkeling, bij welke stoornis uit tests op tenminste twee van de drie genoemde gebieden een achterstand in spraak-taalontwikkeling van meer dan anderhalve standaarddeviatie blijkt;
1° kinderen tot en met 7 jaar een spraak- of taalstoornis, die niet toe te schrijven is aan het niveau van cognitief functioneren, op het gebied van spraakproductie, bij welke stoornis uit tests een achterstand in spraakontwikkeling van meer dan twee standaarddeviaties blijkt; en op het gebied van spraakperceptie, grammaticale kennisontwikkeling, of lexicale en semantische kennisontwikkeling, bij welke stoornis uit tests op tenminste een van de drie genoemde gebieden een achterstand in spraaktaalontwikkeling van meer dan anderhalve standaarddeviatie blijkt;
2° voor kinderen van 8 jaar of ouder een spraak-of taalstoornis, die niet toe te schrijven is aan het niveau van cognitief functioneren, op het gebied van spraakperceptie, grammaticale kennisontwikkeling, en lexicale en semantische kennisontwikkeling, bij welke stoornis uit tests op tenminste twee van de drie genoemde gebieden een achterstand in spraak-taalontwikkeling van meer dan anderhalve standaarddeviatie blijkt;
b. gerichte spraak- of taaltherapie van een half jaar geen vooruitgang heeft opgeleverd, ofwel een ernstige stoornis, die indien van toepassing volgens het classificatiesysteem DSM-IV of ICD-10 is vastgesteld en de beperking, bedoeld onder c, negatief beïnvloedt;
c. sprake is van een ernstige structurele beperking in de onderwijsparticipatie die blijkt uit: 1° een leerachterstand als bedoeld in artikel 12, onder a. 1°;
2° het ontbreken van algemene leervoorwaarden, bedoeld in artikel 12, onder b., of
3° een zeer geringe communicatieve redzaamheid als bedoeld in artikel 12, onder c. en
1° een leerachterstand als bedoeld in artikel 12, onder a. 1°;
2° het ontbreken van algemene leervoorwaarden, bedoeld in artikel 12, onder b., of
3° een zeer geringe communicatieve redzaamheid als bedoeld in artikel 12, onder c. en
d. de zorg vanuit het regulier onderwijs als bedoeld in artikel 13 onvoldoende effect heeft gesorteerd of zal kunnen sorteren, en de ondersteuning als bedoeld in artikel 13 deelname aan het regulier onderwijs niet mogelijk maakt.
2. Een leerling is tevens toelaatbaar tot het onderwijs, bedoeld in het eerste lid, aanhef, indien:
a. een stoornis uit het autismespectrum die volgens de DSM IV classificatie is vastgesteld, waarbij de verbale communicatieve beperking op de voorgrond staat, blijkend uit een score op het gebied van lexicale en semantische kennisontwikkeling van minimaal 1.5 standaarddeviatie onder het gemiddelde;
b. sprake is van een ernstige structurele beperking als bedoeld in het eerste lid, onder c. en
c. de zorg vanuit het regulier onderwijs als bedoeld in artikel 13 onvoldoende effect heeft gesorteerd of zal kunnen sorteren, en de ondersteuning als bedoeld in artikel 13 deelname aan het regulier onderwijs niet mogelijk maakt.