BWBR0016506
Geldig vanaf 2004-04-29
Artikel 14
Regeling indicatiecriteria en aanmeldingsformulier leerlinggebonden financiering
1. Indien een leerling op grond van de artikelen 3, 4, 5, 7 tot en met 11toelaatbaar zou zijn tot meer dan één onderwijssoort of toelaatbaar zou zijn tot zowel een onderwijssoort als tot cluster 4, dan wordt de leerling toelaatbaar verklaard tot de onderwijssoort of het cluster, bedoeld in het tweede lid en het derde lid.
2. Indien het samengaan in de zin van het eerste lid, in ieder geval betreft:
a. het onderwijs aan dove kinderen dan wel het onderwijs aan slechthorende kinderen: het onderwijs aan dove, respectievelijk het onderwijs aan slechthorende kinderen;
b. het onderwijs aan zeer moeilijk lerende kinderen: het onderwijs aan zeer moeilijk lerende kinderen
c. cluster 4, niet betreffende een samengaan als bedoeld onder a en b: cluster 4.
3. Bij samengaan anders dan bedoeld in het tweede lid, beoordeelt de commissie voor de indicatiestelling op basis van de handicaps of de leerling toelaatbaar is tot een van de onderwijssoorten of tot cluster 4.
2. Indien het samengaan in de zin van het eerste lid, in ieder geval betreft:
a. het onderwijs aan dove kinderen dan wel het onderwijs aan slechthorende kinderen: het onderwijs aan dove, respectievelijk het onderwijs aan slechthorende kinderen;
b. het onderwijs aan zeer moeilijk lerende kinderen: het onderwijs aan zeer moeilijk lerende kinderen
c. cluster 4, niet betreffende een samengaan als bedoeld onder a en b: cluster 4.
3. Bij samengaan anders dan bedoeld in het tweede lid, beoordeelt de commissie voor de indicatiestelling op basis van de handicaps of de leerling toelaatbaar is tot een van de onderwijssoorten of tot cluster 4.