BWBR0016449
Geldig vanaf 2004-03-10
Artikel 7
Organisatie-, mandaat- en volmachtbesluit FEZ 2004
1. Het hoofd van de afdeling Arbeidsverhoudingen en Uitvoeringsbeleid is belast met het toetsen van beleidsvoorstellen op budgettaire gevolgen en financieel-economische aspecten, het verzorgen van ramingen en het hierover adviseren van beleidsdirecties binnen de domeinen van de directeur-generaal Arbeidsverhoudingen en Internationale Betrekkingen en van de directeur Uitvoeringsbeleid, alsmede van de ambtelijke en politieke leiding, door:
a. het binnen deze domeinen adviseren over: 1°. rechtmatigheid, doelmatigheid, doeltreffendheid en budgettaire inpasbaarheid van voorgenomen beleid;
2°. te verwachten budgettaire en volume-effecten, op grond van ex ante ramingen;
3°. streefwaarden waarmee de effecten van beleid kunnen worden gevolgd;
4°. onderzoeksvragen die ten grondslag liggen aan ex post evaluatieonderzoek;
5°. de beleidsmatige benutting van uitkomsten van ex post evaluatieonderzoek;
6°. bekostigingssystematieken en uitvoeringsmodaliteiten, inclusief uitvoeringstoets en implementatie;
7°. de financiële bedrijfsvoering en de uitwerking van financiële beheersconcepten;
1°. rechtmatigheid, doelmatigheid, doeltreffendheid en budgettaire inpasbaarheid van voorgenomen beleid;
2°. te verwachten budgettaire en volume-effecten, op grond van ex ante ramingen;
3°. streefwaarden waarmee de effecten van beleid kunnen worden gevolgd;
4°. onderzoeksvragen die ten grondslag liggen aan ex post evaluatieonderzoek;
5°. de beleidsmatige benutting van uitkomsten van ex post evaluatieonderzoek;
6°. bekostigingssystematieken en uitvoeringsmodaliteiten, inclusief uitvoeringstoets en implementatie;
7°. de financiële bedrijfsvoering en de uitwerking van financiële beheersconcepten;
b. het mede opstellen van financiële paragrafen ten behoeve van wetsvoorstellen en beleidsnotities;
c. het ontwikkelen en onderhouden van specifieke modellen die nodig zijn voor ramingen binnen deze domeinen;
d. het toetsen van: 1°. specifieke bijdragen van het desbetreffende directoraat-generaal en van de directie Uitvoeringsbeleid aan externe begrotingsproducten zoals begroting, suppletore wetten/uitvoeringsrapportages en jaarverslag;
2°. de doelmatigheid, doeltreffendheid en budgettaire inpasbaarheid van finale beleidsvoorstellen;
3°. managementrapportages van de onder het desbetreffende directoraat-generaal ressorterende directies en van de directie Uitvoeringsbeleid, voor zowel beleid als beheer en overige werkzaamheden die betrekking hebben op het onderhoud van begrotingsartikelen.
1°. specifieke bijdragen van het desbetreffende directoraat-generaal en van de directie Uitvoeringsbeleid aan externe begrotingsproducten zoals begroting, suppletore wetten/uitvoeringsrapportages en jaarverslag;
2°. de doelmatigheid, doeltreffendheid en budgettaire inpasbaarheid van finale beleidsvoorstellen;
3°. managementrapportages van de onder het desbetreffende directoraat-generaal ressorterende directies en van de directie Uitvoeringsbeleid, voor zowel beleid als beheer en overige werkzaamheden die betrekking hebben op het onderhoud van begrotingsartikelen.
2. Het hoofd van de afdeling Arbeidsverhoudingen en Uitvoeringsbeleid is tevens belast met het toetsen en adviseren inzake budgettaire gevolgen van bedrijfsvoeringsactiviteiten van directies en agentschappen die ressorteren onder de secretaris-generaal, de plaatsvervangend secretaris-generaal en de inspecteur-generaal, door:
a. het adviseren over: 1°. rechtmatigheid, doelmatigheid, doeltreffendheid en budgettaire inpasbaarheid van voorgenomen beleid;
2°. bekostigingssystematieken en uitvoeringsmodaliteiten, inclusief uitvoeringstoets en implementatie;
3°. de financiële bedrijfsvoering en de uitwerking van financiële beheersconcepten;
1°. rechtmatigheid, doelmatigheid, doeltreffendheid en budgettaire inpasbaarheid van voorgenomen beleid;
2°. bekostigingssystematieken en uitvoeringsmodaliteiten, inclusief uitvoeringstoets en implementatie;
3°. de financiële bedrijfsvoering en de uitwerking van financiële beheersconcepten;
b. het toetsen van: 1°. specifieke bijdragen van de secretaris-generaal, de plaatsvervangend secretaris-generaal en de inspecteur-generaal aan externe begrotingsproducten zoals begroting, suppletore wetten/uitvoerings- rapportages en jaarverslag;
2°. de doelmatigheid, doeltreffendheid en budgettaire inpasbaarheid van finale voorstellen;
3°. managementrapportages van de onder de secretaris-generaal, plaatsvervangend secretaris-generaal en inspecteur-generaal ressorterende directies en agentschappen.
1°. specifieke bijdragen van de secretaris-generaal, de plaatsvervangend secretaris-generaal en de inspecteur-generaal aan externe begrotingsproducten zoals begroting, suppletore wetten/uitvoerings- rapportages en jaarverslag;
2°. de doelmatigheid, doeltreffendheid en budgettaire inpasbaarheid van finale voorstellen;
3°. managementrapportages van de onder de secretaris-generaal, plaatsvervangend secretaris-generaal en inspecteur-generaal ressorterende directies en agentschappen.
a. het binnen deze domeinen adviseren over: 1°. rechtmatigheid, doelmatigheid, doeltreffendheid en budgettaire inpasbaarheid van voorgenomen beleid;
2°. te verwachten budgettaire en volume-effecten, op grond van ex ante ramingen;
3°. streefwaarden waarmee de effecten van beleid kunnen worden gevolgd;
4°. onderzoeksvragen die ten grondslag liggen aan ex post evaluatieonderzoek;
5°. de beleidsmatige benutting van uitkomsten van ex post evaluatieonderzoek;
6°. bekostigingssystematieken en uitvoeringsmodaliteiten, inclusief uitvoeringstoets en implementatie;
7°. de financiële bedrijfsvoering en de uitwerking van financiële beheersconcepten;
1°. rechtmatigheid, doelmatigheid, doeltreffendheid en budgettaire inpasbaarheid van voorgenomen beleid;
2°. te verwachten budgettaire en volume-effecten, op grond van ex ante ramingen;
3°. streefwaarden waarmee de effecten van beleid kunnen worden gevolgd;
4°. onderzoeksvragen die ten grondslag liggen aan ex post evaluatieonderzoek;
5°. de beleidsmatige benutting van uitkomsten van ex post evaluatieonderzoek;
6°. bekostigingssystematieken en uitvoeringsmodaliteiten, inclusief uitvoeringstoets en implementatie;
7°. de financiële bedrijfsvoering en de uitwerking van financiële beheersconcepten;
b. het mede opstellen van financiële paragrafen ten behoeve van wetsvoorstellen en beleidsnotities;
c. het ontwikkelen en onderhouden van specifieke modellen die nodig zijn voor ramingen binnen deze domeinen;
d. het toetsen van: 1°. specifieke bijdragen van het desbetreffende directoraat-generaal en van de directie Uitvoeringsbeleid aan externe begrotingsproducten zoals begroting, suppletore wetten/uitvoeringsrapportages en jaarverslag;
2°. de doelmatigheid, doeltreffendheid en budgettaire inpasbaarheid van finale beleidsvoorstellen;
3°. managementrapportages van de onder het desbetreffende directoraat-generaal ressorterende directies en van de directie Uitvoeringsbeleid, voor zowel beleid als beheer en overige werkzaamheden die betrekking hebben op het onderhoud van begrotingsartikelen.
1°. specifieke bijdragen van het desbetreffende directoraat-generaal en van de directie Uitvoeringsbeleid aan externe begrotingsproducten zoals begroting, suppletore wetten/uitvoeringsrapportages en jaarverslag;
2°. de doelmatigheid, doeltreffendheid en budgettaire inpasbaarheid van finale beleidsvoorstellen;
3°. managementrapportages van de onder het desbetreffende directoraat-generaal ressorterende directies en van de directie Uitvoeringsbeleid, voor zowel beleid als beheer en overige werkzaamheden die betrekking hebben op het onderhoud van begrotingsartikelen.
2. Het hoofd van de afdeling Arbeidsverhoudingen en Uitvoeringsbeleid is tevens belast met het toetsen en adviseren inzake budgettaire gevolgen van bedrijfsvoeringsactiviteiten van directies en agentschappen die ressorteren onder de secretaris-generaal, de plaatsvervangend secretaris-generaal en de inspecteur-generaal, door:
a. het adviseren over: 1°. rechtmatigheid, doelmatigheid, doeltreffendheid en budgettaire inpasbaarheid van voorgenomen beleid;
2°. bekostigingssystematieken en uitvoeringsmodaliteiten, inclusief uitvoeringstoets en implementatie;
3°. de financiële bedrijfsvoering en de uitwerking van financiële beheersconcepten;
1°. rechtmatigheid, doelmatigheid, doeltreffendheid en budgettaire inpasbaarheid van voorgenomen beleid;
2°. bekostigingssystematieken en uitvoeringsmodaliteiten, inclusief uitvoeringstoets en implementatie;
3°. de financiële bedrijfsvoering en de uitwerking van financiële beheersconcepten;
b. het toetsen van: 1°. specifieke bijdragen van de secretaris-generaal, de plaatsvervangend secretaris-generaal en de inspecteur-generaal aan externe begrotingsproducten zoals begroting, suppletore wetten/uitvoerings- rapportages en jaarverslag;
2°. de doelmatigheid, doeltreffendheid en budgettaire inpasbaarheid van finale voorstellen;
3°. managementrapportages van de onder de secretaris-generaal, plaatsvervangend secretaris-generaal en inspecteur-generaal ressorterende directies en agentschappen.
1°. specifieke bijdragen van de secretaris-generaal, de plaatsvervangend secretaris-generaal en de inspecteur-generaal aan externe begrotingsproducten zoals begroting, suppletore wetten/uitvoerings- rapportages en jaarverslag;
2°. de doelmatigheid, doeltreffendheid en budgettaire inpasbaarheid van finale voorstellen;
3°. managementrapportages van de onder de secretaris-generaal, plaatsvervangend secretaris-generaal en inspecteur-generaal ressorterende directies en agentschappen.