BWBR0016139
Geldig vanaf 01-01-2004
Artikel 7
Regeling toezichtkosten DNB Wet toezicht kredietwezen 1992
1. De Bank brengt jaarlijks een bedrag in rekening aan een onderneming of instelling ter vergoeding van kosten voor werkzaamheden, voorzover deze kosten niet reeds op grond van artikel 6 in rekening worden gebracht.
2. De kosten, bedoeld in het eerste lid, worden op basis van de begroting waarmee de minister heeft ingestemd, geraamd voor het jaar waarop het in rekening te brengen bedrag betrekking heeft, met dien verstande dat op die kosten in mindering worden gebracht de kosten die voor dat jaar ten laste komen van de rijksbegroting.
3. De geraamde kosten worden toegerekend aan categorieën van gelijksoortige instellingen naar de mate van hun beslag op de werkzaamheden, bedoeld in het eerste lid.
4. Op de per categorie toegerekende geraamde kosten worden in mindering gebracht:
a. een uit het voorafgaande jaar resulterend positief exploitatiesaldo dat aan de desbetreffende categorie valt toe te rekenen, indien een daartoe strekkend voorstel als bedoeld in artikel 5, tweede lid, is opgenomen in de verantwoording waarmee de minister heeft ingestemd;
b. de aan het exploitatiesaldo toegerekende opbrengsten uit bestuurlijke boetes en verbeurde dwangsommen die aan de desbetreffende categorie vallen toe te rekenen en die niet reeds zijn opgenomen in het exploitatiesaldo, voor zover de hieraan ten grondslag liggende besluiten van de Bank in het voorafgaande jaar onherroepelijk zijn geworden.
5. De per categorie toegerekende geraamde kosten worden vermeerderd met een uit het voorafgaande boekjaar resulterend negatief exploitatiesaldo dat aan de desbetreffende categorie valt toe te rekenen, indien een daartoe strekkend voorstel als bedoeld in artikel 5, tweede lid, is opgenomen in de verantwoording waarmee de minister heeft ingestemd.
2. De kosten, bedoeld in het eerste lid, worden op basis van de begroting waarmee de minister heeft ingestemd, geraamd voor het jaar waarop het in rekening te brengen bedrag betrekking heeft, met dien verstande dat op die kosten in mindering worden gebracht de kosten die voor dat jaar ten laste komen van de rijksbegroting.
3. De geraamde kosten worden toegerekend aan categorieën van gelijksoortige instellingen naar de mate van hun beslag op de werkzaamheden, bedoeld in het eerste lid.
4. Op de per categorie toegerekende geraamde kosten worden in mindering gebracht:
a. een uit het voorafgaande jaar resulterend positief exploitatiesaldo dat aan de desbetreffende categorie valt toe te rekenen, indien een daartoe strekkend voorstel als bedoeld in artikel 5, tweede lid, is opgenomen in de verantwoording waarmee de minister heeft ingestemd;
b. de aan het exploitatiesaldo toegerekende opbrengsten uit bestuurlijke boetes en verbeurde dwangsommen die aan de desbetreffende categorie vallen toe te rekenen en die niet reeds zijn opgenomen in het exploitatiesaldo, voor zover de hieraan ten grondslag liggende besluiten van de Bank in het voorafgaande jaar onherroepelijk zijn geworden.
5. De per categorie toegerekende geraamde kosten worden vermeerderd met een uit het voorafgaande boekjaar resulterend negatief exploitatiesaldo dat aan de desbetreffende categorie valt toe te rekenen, indien een daartoe strekkend voorstel als bedoeld in artikel 5, tweede lid, is opgenomen in de verantwoording waarmee de minister heeft ingestemd.
- Citeren als
- Art. 7
- Geldig vanaf
- Status
- Geldend recht
- Identificatie
- BWBR0016139
- Officiële bron
- wetten.overheid.nl